frieda belinfante

friedaFrieda Belinfante werd geboren op 10 mei 1904 in Amsterdam in een Sefardisch Joods gezin en overleed in Santa Fe op 26 april 1995. Ze was de dochter van een Joodse vader, Aron Belinfante, pianist en eigenaar van een muziekschool, en Georgine Hesse.
De geschiedenis van haar voorouders kan gevolgd worden tot het Portugal van de 16e eeuw.
Haar vader drong erop aan dat Frieda, toen ze 9 jaar oud was, met celloles begon. Toen Frieda 16 was trad ze, samen met haar vader, voor het eerst op.

Op 17-jarige leeftijd leerde ze Henriette Bosmans kennen, een componiste, en met haar ging ze van 1922 tot 1929 samenwonen. Toen deze relatie eindigde trad ze in 1930 in het huwelijk met Johan Feltkamp, fluitist. Ze wist dat ze lesbisch was, het huwelijk duurde tot 1936.
Toen de oorlog uitbrak trad Belinfante tot 1942 op, toen kon dat niet meer omdat ze weigerde om lid te worden van de Nederlandse Kultuurkamer. In 1941 werd Frieda actief in het verzet. Ze was een goede vriendin van Willem Arondeus, een openlijk homoseksuele man en een van de leiders van de Raad van Verzet.
Ze ondersteunde onderduikers, hield zich bezig met het vervalsen van persoonsbewijzen. Haar grootste verzetsdaad was, samen met onder andere Willem Arondeus, Willem Sandberg en Gerrit van der Veen, de aanslag op het bevolkingsregister op 27 maart 1943. Ze nam het initiatief tot deze aanslag en stond toen op een dak in de buurt op de uitkijk.
De verzetsgroep werd opgepakt, Belinfante dook onder. Ze ontkwam naar Montreux, Zwitserland, en kreeg daar de status van politiek vluchteling. Ze zat daar in een groep van 160 gevluchte Joden en voelde zich daar een beroddelde outcast.

Voor haar rol in het verzet krijgt Frieda nooit erkenning. Haar zus heeft in 1975 dat in Nederland willen aankaarten, maar ze gaf aan geen prijs te stellen op rehabilitatie; “De mannen hebben het grootste werk gedaan en de hoogste prijs betaald – hun leven”, stelt Frieda.

Na de oorlog komt ze terug naar Nederland maar kwam hier als vrouw niet aan de slag als dirigent. In 1947 emigreert ze naar Californië en gaat in Hollywood werken bij een studio-orkest dat filmmuziek inspeelt. Ze geeft er les aan de Universiteit van Californië en ze wordt dirigent van het Orange County Philharmonic Orchestra. Ze is dan de eerste vrouwelijke dirigent ter wereld van een professioneel orkest.
In 1962 werd het orkest opgeheven en Frieda verliest haar baan. Ze wijdt dit aan haar geaardheid, waarna ze ontgoocheld naar Santa Fe verhuist. Ze geeft dan alleen nog les.
Tijdens dit lesgeven onmoet ze – ze is dan 62 jaar oud, Bobbie, een vrouw van 32 die haar dochter kwam aanmelden voor lessen. Bobbie en Frieda worden in het geheim geliefden en blijven dat bijna een kwart eeuw lang.
In 1995 overleed Frieda op 90-jarige leeftijd. Over haar leven is een film gemaakt “But I was a girl”, deels gefinancierd door het US Holocaust Memorial Museum.

Toni Boumans schreef het boek “Een schitterend vergeten leven” dat nog steeds te koop is via de betere boekhandel.

bron:
wikipedia,
bevrijdingintercultureel.nl,
The Frieda Belinfante Collection (Curators corners #26), youtube
Verwey, Stefan, Strijdbare vrouw op de bok, Volkskrant 30 jan 2015 (aanvulling “Bobbie”)

afbeelding
gemaakt door en met vriendelijke toestemming van Yme Mary Bosma, olieverf op hout 50 x 70 cm.