henri polaklaan (plantage franschelaan)

diamantwerkersbondraamMidden in deze buurt waar vooral de welgestelde(re) Joden woonden vinden we de Henri Polaklaan. De Henri Polaklaan werd Achterlaan en Stillelaan genoemd en in de 19e eeuw tot en met de 2e Wereldoorlog de Plantage Franschelaan. In de shoah zijn uit deze straat 201 mensen vermoord.

Na de 2e Wereldoorlog werd de naam veranderd in de Henri Polaklaan. De eerste aankondiging van deze naamsverandering verscheen in het NIW van 2 nov 1945, toen Henri Polak in het Concertgebouw herdacht werd.
diamantwerkersbondHenri Polak was een beroemd voorzitter (“de rebbe van de diamantbewerkers”) van de Diamantwerkersbond, de eerste vakbond die in Nederland werd opgericht. Het voormalige hoofdkantoor van deze bond staat er nog en is bekend onder de naam Burcht van Berlage.

Dit gebouw werd opgetrokken in 1900 in de tuin van Abraham van Liers’ Plantage Schouwburg, op nummer 9. Toen de tuin verdwenen was kon de aan het oog onttrokken schouwburg alleen nog via een poortje worden bereikt. In 1920 was dit de schouwburg waar het legendarische succes van de opvoering van “De Jantjes” , met Louis Davids, zich afspeelde.

diamantwerkersbondsymboolEen leuk detail aan dit gebouw is het venster in het torentje, dat eruit ziet als een diamant. Nu is het Vakbondsmuseum er gevestigd. Henri Polak werd op 18 juli 1940 door de Duitsers gearresteerd, maar hij werd niet gedeporteerd. Hij stierf op 18 februari 1943 in Laren.

Portugees Israëlitisch Ziekenhuis
Tegenover het vakbondsmuseum staat het voormalig Portugees-Israëlitisch Ziekenhuis (PIZ, foto volgende pagina). Het symbool van de Portugees-Israëlitische gemeente staat nog op het gebouw; een pelikaan met 3 jongen (foto). In Nederland waren er in de 2e wereldoorlog ongeveer 8600 gemengde huwelijken (Joods persoon met niet-Joodse partner) en de Duitsers stelden in 1943 een aantal van hen voor de keus: sterilisatie of deportatie.
pizDeze sterilisaties werden in het Portugees-Israëlitisch Ziekenhuis uitgevoerd. Na de sterilisatie hoefde men de ster niet meer te dragen. Gelukkig werden er ook valse sterilisatieverklaringen afgegeven. Tegenwoordig is er een kinderopvang in dit gebouw gevestigd.

Plantage Franschelaan 3 – Polak
Leopold Polak deed zijn bar mitswah op zaterdag 10 juni 1905. In het NIW van 2 juni 1905 plaatsten zijn ouders Sallij Polak en Rosa Polak-Cahn (Duisburg, 18 aug 1866 – Monowitz, 30 sep 1942) een advertentie ter gelegenheid van deze gebeurtenis. Gedurende de oorlog was dit adres een bijkantoor van de Nederlandsche Volksdienst, opgericht op initiatief en met hulp van de bezetter, waarbij het ging om de nazificering van het maatschappelijk werk in Nederland.

Plantage Franschelaan 4 – Kalker
Mevr. J Kalker woonde in 1897 op dit adres en zocht een bekwame keukenmeid. In 1923 woonde de heer Visser er, en bij hem thuis werd er een bijeenkomst georganiseerd van Agoedas Jisroeil, een jeugdorganisatie.
In 1935 was op dit adres ritueel pension Frank gevestigd, met gelegenheid tot dineren, ook tijdens de Pesach.

Plantage Franschelaan 5 – W H Citroen
Willem H Citroen woonde op dit adres in 1925 en hij was een van de contactadressen van de Vereniging “Weldadigheid” (opgericht 1 jan 1875).

Plantage Franschelaan 6 – Velleman
Het doktersechtpaar Elia Velleman en Sophia Velleman-Pinto woonden op deze laan voor de oorlog. Sinds 29 september 1925 op nummer 6. Sophia was keel-, neus- en oorarts, Elia was huisarts. Sophia werd op 7 juli 1897 geboren in Winschoten en overleed op 8 mei 1959. Elia werd op 30 maart 1894 geboren in Sneek en overleed op 8 december 1952 in Amsterdam. Elia was de huisarts van een lezer van deze website..

Plantage Franschelaan 7 – Abrahams
J. Abrahams – Heymann was pianolerares en in 1892 op dit adres woonachtig. Ze adverteerde in het Nieuw Israëlietisch Weekblad (NIW) en mocht de heer Julius Röntgen als referentie opgeven.

Plantage Franschelaan 7 – Van Dantzich
S. van Dantzich vestigde zich in 1898 op dit adres. Hij was oogarts en had dagelijks spreekuur van 13.30 – 15.30, voor de minvermogenden van 0900 – 10.30.

voormalig Portugees Israëlitisch Ziekenhuis
voormalig Portugees Israëlitisch Ziekenhuis

Henri Polaklaan 8-10
Op de Henri Polaklaan 8-10 zat het Portugees Israëlitisch Zieken- en Oude Vrouwenhuis. In 1913 werden al voorbereidingen genomen om de vestiging van het PIZ op dit adres mogelijk te maken. Op de vergadering van de kerkeraad van de Portugees-Israëlietische gemeente van Amsterdam van 5 juni 1913 werd besloten om de toenmalige panden aan te kopen, deze af te breken en nieuwe panden te bouwen. In mei 1914 werd de panden aanbesteed naar ontwerp van architect Harry Elte. In juli 1914 bleek aannemer J H Boa de laagste inschrijver te zijn voor een bedrag van dfl. 76.300,-. In juni 1918 was deze inrichting geopend, toen werd er een kookster gezocht.
Er werkte gerenommeerd personeel. Zo werden Prof Snapper, Dr Pimentel en Dr Keesing in een advertentie uit 1928 bedankt voor hun schitterende behandeling.
De inwoonsters van dit huis werden in de oorlog weggevoerd.
Van de inwoonsters worden de volgende genoemd op www.joodsmonument.nl:
Lea Santcroos – Vieijra (Amsterdam, 29 jan 1851 – Auschwitz, 26 maart 1944),
Lea Lopes Cardozo (Amsterdam, 5 juli 1853 – Apeldoorn, 9 mei 1941),
Cornelia Vaz Nunes – van Saxen (Veghel, 7 sep 1874 – Auschwitz, 26 maart 1944) en
Mirjam Monis (Amsterdam, 25 feb 1876 – Auschwitz, 26 maart 1944).
Tevens was hier het zusterhuis van het PIZ gevestigd, en het verplegend personeel woonde hier. Van hen werden vermoord:
Ganna Asser (Amsterdam, 24 juli 1881 – Auschwitz, 11 feb 1944),
Roosjen Nieweg (Appingedam, 26 nov 1887 – Auschwitz, 11 feb 1944) en
Hetty Rika Teixeira de Mattos (Amsterdam, 15 okt 1915 – Auschwitz, 15 okt 1915).
Ook overleed Elisabeth Salomons (Arnhem, 6 april 1890 – Amsterdam, 2 maart 1943) in de oorlog en zij woonde ook hier. Elisabeth was hoofdverpleegster van het PIZ, werd ziek en overleed in Amsterdam,
Daarnaast woonde op dit adres in 1941 Boleslas Tabak, een correspondent. Boleslas werd geboren in Warschau op 1 jan 1891 en vermoord in Auschwitz op 5 feb 1943. Vlak voor hij vermoord werd was Boleslas werknemer van het Apeldoornse Bos.

In september 1945 was dit pand het Repatriëringshuis. Men kon kinderen van 4 – 14 jaar opgeven om aan te sterken bij Joodse gezinnen in Denemarken.

Plantage Franschelaan 9 – De Burcht
“De Burcht”, het gebouw van de Algemene Nederlandse Diamantwerkers Bond, staat op dit adres en wordt hier besproken. Op 23 juni 1945 werd hier een contactbijeenkomst (Oneg Sjabbath) georganiseerd voor naar Nederland teruggekeerde Joden.

Gedurende de oorlog, al in mei 1940, werd dit gebouw overgenomen door de NSB. De boeken uit de bibliotheek werden door de NSB op het Waterlooplein verkocht.

Plantage Franschelaan 11 – Jacobus Lob
Dit adres is het geboortehuis van Jacobus Lob.

huizefrankPlantage Franschelaan 11 – Huize Frank
in maart 1939 vestigde Huize Frank, voorheen op de Hogeweg 12, zich op dit adres.

Plantage Franschelaan 11a – Swaab
Mevrouw W. Swaab woonde op dit adres in 1904 en vroeg een keukenmeisje in een advertentie.

Plantage Middenlaan 11c – Jozef Pinkhof
Jozef Pinkhof was in 1932 1e secretaris van de Onafhankelijke Mizrachie. Deze organisatie moest in een bericht van 11 nov 1932 nog een definitieve naam krijgen, de naam “Thorah we-Tsion, Onafhankelijke Vereeniging van Mizrachisten” werd voorgesteld. Mizrachie is het religieus zionisme.

Plantage Franschelaan 12 – Sohlberg
Mej. Sohlberg was secretaresse van de Joodse Vrouwenraad en woonde op dit adres in 1921.

Plantage Franschelaan 13 – Joodse Arbeid
Hier was de Stichting Joodse Arbeid gevestigd, waarbij een “volledige opleiding voor emigratieberoepen” gegeven werd.

Plantage Franschelaan 13b – Boekdrukker
Nathan Boekdrukker (Weesp, 6 juli 1866 – Sobibor, 9 juli 1943) woonde in 1928 op dit adres. Hij was het contactadres voor de vereniging “Bedek Habbajies”. Deze vereniging zocht een voorzanger en een ba’al koreh. Deze vereniging exploiteerde een synagoge en deze synagoge was op het Montefioripark gevestigd.

Plantage Franschelaan 14 – Samenwerking
Op dit adres was in 1920 gebouw “Samenwerking” gevestigd. L. Wagenaar, rector aan het Nederlands Israëlitisch Seminarium hield er op zondagavond 19 dec 1920 een lezing over “Ijobs Zielelijden”. Dit verenigingsgebouw werd in het NIW van 9 juni 1922 een soort Joods Ons Huis genoemd, al voor de oprichting van het “Joodsch Ons Huis”. Er werd scholing verzorgd, maar ook aanvullend en opvoedend gezinsleven.
In 1937 komt dit adres weer terug in een NIW. In een advertentie staat dat hier het Beth Am (volkshuis) van Zichron Jaäkov is gevestigd. Na 1938 werden deze zalen overgenomen door “Het Amsterdamsche Schaakhuis”, maar bleven in gebruik bij de Joodse gemeenschap.

Henri Polaklaan 17 – Sarlouis
Op nummer 17 woonde opperrabbijn Sarlouis van het Nederlands-Israëlietisch Kerkgenootschap (van 1936 tot 1942). Hij werd op 12 februari 1941 bij Böhmker, de gevolmachtigde van Seyss-Inquart voor Amsterdam ontboden , samen met Asscher en Frances, de opperrabbijn van de Portugese Joden. Böhmker eiste in deze bespreking een uit 20 personen bestaande Joodse Raad. De Joodse Raad was op 13 februari van dat jaar een feit en heeft gefunctioneerd tot september 1943.
Sarlouis is in het najaar van 1942 weggevoerd. Hij zat in de Joodse Raad en het was bijzonder dat hij toen al werd weggevoerd, want de leden van de Joodse Raad waren de laatsten die in september 1943 werden weggevoerd. Wellicht wilde de bezetter de Joodse Raad laten merken dat ook zij niet van deportatie waren uitgesloten.
Lodewijk Sarlouis werd in Amsterdam geboren op 28 februari 1884. Hij was getrouwd met Lea Asscher (Amsterdam, 23 sep 1887). Zij hadden 3 zoons en 1 dochter. 1 zoon overleed jong. Lodewijk en Lea werden vermoord in Auschwitz op 26 oktober 1942. Hun zoon Hartog (Amsterdam, 15 aug 1913) werd vermoord in Midden-Europa op 31 maart 1944, hun dochter Louise Polak-Sarlouis (Amsterdam, 14 sep 1914) werd vermoord in Auschwitz op 26 okt 1942. Verder hadden ze nog een zoon Abraham (9 feb 1916). Hij overleefde de oorlog en werd diplomaat voor Israel en overleed in Jeruzalem in 1985. Verder was er nog een zoon, Joseph (18 maart 1918). Joseph overleed op éénjarige leeftijd, op 3 november 1919, in Amsterdam.

In de oorlog was op dit adres de “Hilfstelle Mutter und Kind NSDAP Volkswohlfahrt” gevestigd.

Plantage Franschelaan 18 – bovenhuis
Vanaf 1 november 1934 was dit bovenhuis te huur. Dit bovenhuis had een ingebouwde Soekah (loofhut).

Plantage Franschelaan 19 – Broekhuijsen
J Broekhuijsen en echtgenote waren kleermakers en woonden op dit adres. Ter gelegenheid van Rosj Hasjana 1917 wensten ze hun clientèle een gelukkig nieuwjaar.

Plantage Franschelaan 23 – Manheim & Van Straten
Manheim & van Straten zochten een volontair voor een modemagazijn. Dit adres was in 1907 het contactadres. In 1924 zocht Max van Straten vanaf dit adres een mannelijke jongste bediende, voor de opleiding in het hoedenvak.

Plantage Franschelaan 25 – Halpern
Lea H. Halpern was een bekend pottenbakster en in de dertiger jaren had zij op dit adres haar atelier. Zij hield hier regelmatig exposities en onder haar klanten mocht ze Koningin Wilhelmina en Prinses Juliana rekenen. Ook in de Nederlandse musea stond veel van haar werk. In 1935 had zij net een reis door Palestina en Egypte afgerond, mede ter inspiratie voor haar werk. In Nederland was ze van 1930 – 1939 gevestigd, onder de dreiging van de nazi’s vluchtte ze in 1939 of begin 1940 naar New York. Het pand werd in 1884 in opdracht van beeldhouwer Teixeira de Mattos gebouwd.

Plantage Franschelaan 27 – Leuvenberg
Gerard Leuvenberg (Amsterdam, 1 maart 1905 – Rechovot, 25 maart 1964) vierde op 9 maart 1918 zijn Bar Mitswah. Zijn ouders, Elias Leuvenberg (Opsterland, 20 okt 1871 – Amsterdam, 2 mei 1936) en Grietje Leuvenberg- Frank (Utrecht, 1 nov 1877 – Sobibor, 23 juli 1943) plaatsen een advertentie in het NIW. Gerard had verschillende broers en zussen:
Siegmund (Amsterdam, 22 juni 1902 – Sobibor, 23 juli 1943),
Dora (Amsterdam, 17 oktober 1903 – Sobibor, 23 juli 1943),
Jeannette (Amsterdam, 23 april 1906 – Sobibor, 23 juli 1943),
Rosine (Amsterdam, 11 jan 1909 – Bat Yam, 21 dec 1987) en
Henri Isaac (Amsterdam, 29 dec 1912 – Auschwitz, 31 maart 1944).
In 1941 woonde het gezin op de Plantage Parklaan 8hs.

Plantage Franschelaan 28 – Frenkel
Firma S Frenkel & Zoon waren makelaars in assurantiën in in 1898 op dit adres gevestigd.

Plantage Franschelaan 30 – S J Duizend
De heer Samuel Jozeph Duizend (Amsterdam, 6 sep 1884) was secretaris van de Joodse vereniging Mekour Chajim en woonde in 1904 op dit adres. De vereniging gaf jongeren van 13 – 17 jaar les in de Joodse vakken, op een uitgebreidere schaal dan op de Joodse lagere school. Samuel werd samen met zijn vrouw Clara Duizend – Philips (Amsterdam, 6 dec 1873) op 11 september 1942 in Auschwitz vermoord.

Plantage Franschelaan 30a – Reisel
Wolf Reisel was opper-voorzanger van de Nieuwe Synagoge en gaf onderricht in de stemvorming. Verder gaf hij een opleiding voor jongelieden tot chazzan. Het gezin woonde in 1908 op dit adres, ze kwamen hier wonen na hun vertrek uit Berlijn.

Pinchas Wolf Reisel (15 nov 1881 – Sobibor, 2 juli 1943) werd geboren in Schaki (nu Sakiai) in Litouwen. Hij trouwde in 1906 met Sonie Wigdorowitz (Ostrino (nu Astrin), 15 juni 1884 – Sobibor, 2 juli 1943) uit Wit-Rusland. Hij studeerde chazanoet bij oberkantor Aron Friedmann in Berlijn, die zelf ook uit Shaki kwam. In 1908 kwam het echtpaar Reisel naar Amsterdam waar Wolf opperchazan van de Neije Sjoel werd.
Volgens overleveringen konden mensen die hem tijdens Jom Kipoer in 1928 wilden horen zingen niet allemaal in de synagoge. Eén bezoeker gooide daarop een steen door een ruit van de sjoel zodat de mensen hem buiten ook konden horen zingen.
Wolf was alleen op vrijdagen in Amsterdam. In de rest van de week was hij in Antwerpen, waar hij in diamant handelde. De Reisels kregen zeven kinderen (volgens het Stadsarchief in Amsterdam acht). Drie werden in de oorlog vermoord, Mirjam (Amsterdam, 8 sep 1925 – Sobibor, 16 juli 1943), Barend (Amsterdam, 25 juli 1908 – Sobibor, 9 juli 1943) en Lina (Amsterdam, 2 juli 1909 – Tröbitz, 29 mei 1945). Twee kinderen overleefden de oorlog. Ten tijde van de oorlog woonde het gezin op de Ruyschstraat 44hs.

Plantage Franschelaan 34 – De Lange

Op nummer 34 woonde in 1933 rabbijn George de Lange (Amsterdam, 1 juli 1876), rabbijn van de N.I.H.S.
De Lange is een van de mensen die zich in dat jaar hebben ingezet om financiën bij elkaar te krijgen om de Jesjiwa (leerschool) van Ostrowiecz, waar 400 Talmoedstudenten studeerden, merendeels vluchtelingen uit Rusland, over te plaatsen naar Palestina. Daar zouden de leerlingen veilig zijn en konden ze leren en werken combineren. Dat was in Polen onmogelijk. Op 9 feb 1934 kon men mededelen dat de Jesiwa inderdaad naar Tel Aviv overgeplaatst kon worden, er waren voldoende financiële middelen bijeen gebracht.

George de Lange woonde in 1941 op de Plantage Franschelaan 25-1 en werd samen met zijn vrouw Hanna de Lange-Duches (Altona, 3 juni 1895) op 23 juli 1943 te Sobibor vermoord.

Plantage Franschelaan 42 – Harpe Davids
In het gebouw van de KDO repeteerde elke dinsdagavond van 20.30 – 22.30 het koor van Harpe Davids, een van de bekendste Joodse koren van Nederland.

bron:
Nieuw Israëlietisch weekblad, 4 nov 1892, Abrahams, nummer 7
ibidem, 10 sep 1897, Kalker, nummer 4
ibidem, 18 feb 1898, Dantzich, nummer 7
ibidem, 4 maart 1898, Frenkel, nummer 28
ibidem, 29 juli 1904, Duizend, nummer 30
ibidem, 2 dec 1904, W Swaab, nummer 11a
ibidem, 2 juni 1905, Leopold Polak, nummer 3
ibidem, 27 sep 1907, Manheim & Van Straten, nummer 23
ibidem, 29 mei 1908, W Reisel, nummer 30a
ibidem, 4 juli 1913, verslag vergadering 5 juni 1913, nummer 8-10
ibidem, 24 juli 1914, aanbesteding Boa, nummer 8-10
ibidem, 14 sep 1917, Broekhuijsen, nummer 19hs
ibidem, 1 maart 1918, Leuvenberg, nummer 27
ibidem, 14 juni 1918, Plantage Franschelaan 10
ibidem, 17 dec 1920, Samenwerking, nummer 14
ibidem, 11 nov 1921, Joodsche Vrouwenraad, nummer 12
ibidem, 9 juni 1922, Samenwerking, nummer 14
ibidem, 13 juli 1923, Agoedas Jisroeil, nummer 4
ibidem, 1 aug 1924, Max van Straten, nummer 23
ibidem, 6 feb 1925, Citroen, nummer 5
ibidem, 30 maart 1928, PIZ, nummer 8-10
ibidem, 2 nov 1928, Boekdrukker, nummer 13b
ibidem, 6 okt 1922, Bedek Habbajies, Montefioripark
ibidem, 11 nov 1932, Pinkhof, nummer 11c
ibidem, 6 jan 1933, G de Lange, nummer 34
ibidem, 6 feb 1934, G de Lange, jesiwa, nummer 34
ibidem, 31 aug 1934, nummer 18
ibidem, 5 apr 1935, nummer 4
ibidem, 29 nov 1935, nummer 25
ibidem, 8 jan 1937, nummer 14a
ibidem, 28 aug 1939, Harpe Davids, nummer 42
ibidem, 22 juni 1945, De Burcht, nummer 9
ibidem, 14 sep 1945, repatriëringshuis, nummer 8-10
ibidem, 2 nov 1945, naamswijziging
“Advertentie Huize Frank”. “Nieuw Israelietisch weekblad“. Amsterdam, 10-03-1939. Geraadpleegd op Delpher op 26-11-2016, http://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010874666:mpeg21:a0038
www.joodsmonument.nl, Plantage Franschelaan (geraadpleegd 25 sep 2015)

www.joodsmonument.nl, lemma Pinchas Wolf Reisel (geraadpleegd 25 sep 2015)
www.joodsmonument.nl, lemma’s bewoners Plantage Franschelaan 8-10 (geraadpleegd 25 sep 2015)
www.joodsmonument.nl, lemma George de Lange (geraadpleegd 25 sep 2015)
www.nljewgen.org, lemma Elias Leuvenberg (geraadpleegd 25 sep 2015)
www.wikipedia.nl, lemma religieus zionisme (geraadpleegd 25 sep 2015)
www.wikipedia.nl, lemma Lea Halpern (geraadpleegd 25 sep 2015)
stadsarchief Amsterdam, gezinskaart Lodewijk Sarlouis
stadsarchief Amsterdam, gezinskaart Elia Velleman
Stadsarchief Amsterdam, gezinskaart Mozes Lob (9 feb 1838)
met dank aan Anna de Groot – Papegaai
www.geni.com, lemma Joseph Sarlouis (geraadpleegd 27 sep 2015)
www.jodeninnederland.nl, lemma Sarlouis, Hartog (Harry) (geraadpleegd 27 sep 2015
Stigter, Bianca, De Bezette Stad, Plattegrond van Amsterdam 1940 – 1945 (Amsterdam 2005) p. 142 – 143
www.wikipedia.nl, lemma Nederlandsche Volksdienst

illustraties:
© joodsamsterdam.nl
“Advertentie Huize Frank”. “Nieuw Israelietisch weekblad“. Amsterdam, 10-03-1939. Geraadpleegd op Delpher op 26-11-2016, http://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010874666:mpeg21:a0038

Laatst aangepast:
26 november 2016