mathieu carl henri van leeuwen

leeuwenvanmathieuBij het speuren naar Joodse sporen in Amsterdam en Rotterdam (en daarbuiten) is de 2e Wereldoorlog een onderwerp dat niet te vermijden is. Wat overgebleven is uit die tijd brengt de geschiedenis weer dichterbij. En veel van wat bekend is over de vervolging in de 2e Wereldoorlog wordt tastbaar. Zoals hiernaast. Een kopie van een agendablaadje van iemand die werkte voor de Colonne Heinnecke.

Colonne Heinnecke was de opvolger van Colonne Harmans. Deze groep speurde de eigendommen op van Joden die bij niet-Joden in bewaring waren gegeven. Harmans drukte teveel achterover, waardoor er te weinig buit werd afgeleverd aan de bezetter. Harmans werd vervangen door Heinnecke. Daarna verlegde het werkterrein zich naar het opsporen van ondergedoken Joden. Daar ontving de colonne dfl 7,50 per persoon voor (naarmate de oorlog vorderde werd deze ‘vergoeding’ hoger).

Hiernaast een kopie van een agendablaadje van 25 mei 1943. Mathieu Carl H. van Leeuwen is opgepakt, of is verraden en gaat opgepakt worden).

Wie was Mathieu?
Mathieu Carl Henri van Leeuwen werd geboren in Oss op 15 januari 1900. Hij was de zoon van Salomon van Leeuwen uit Oss (26 aug 1867) en Sophia Cohen (19 feb 1871) uit Rotterdam. Salomon en Sophia trouwden in Rotterdam op 29 april 1897 en het echtpaar gaat in Oss wonen.

Een jaar na het huwelijk kwam het eerste kind, de oudere zus van Mathieu: Margaretha (Meta; Oss, 28 mei 1898 – Enschede, 8 okt 1976). Bij nazoeken zijn dit de twee kinderen die gevonden zijn. In de jaren ’30 gaat verhuist de familie vrij regelmatig.
Op 30 september 1930 schrijven ze zich in in Noordwijk, op 19 feb 1931 zijn ze inwonend op de Mathenesserlaan 199 te Rotterdam, op 16 sep 1931 wonen ze in op Westersingel 20b in Rotterdam en op 31 mei 1932 gaan ze op de Willem Buitenwechstr 122a wonen. Een paar maanden later, op 8 november 1932, gaan ze op de Waalstraat 64-1 in Amsterdam wonen.

Het huwelijk tussen Salomon en Sophia houdt geen stand. Op 1 december 1938 wordt het, na 41 jaar, volgens de persoonskaart van de burgelijke stand, te Amsterdam ontbonden. Sophia gaat op 15 juni 1939 op de Johannes Vermeerstraat 83hs wonen. Sophia wordt op 12 juni 1943 uitgeschreven naar Duitsland. Volgens joodsmonument.nl is ze twee weken eerder, op 28 mei 1943, in Sobibor vermoord. Eveneens volgens deze website was Sophia weduwe en niet gescheiden.

De financiële omstandigheden in het gezin zijn zo geweest dat Mathieu heeft kunnen leren. Hij werd werknemer bij de Fordfabriek. Deze fabriek was van 1932 – 1981 gevestigd aan de Westhaven te Amsterdam. Mathieu is daar accountant.

Dat is niet de enige plek waar hij werkt. Sinds 21 juli 1942 was Mathieu ook in dienst van de Joodse Raad als referent / adviseur bij het Voorlichtingsbureau Bureau Lijnbaansgracht 366. Daar beantwoordt Mathieu in mei 1943 nog een vraag naar een mevrouw Hertzenberg. Deze vraag werd gesteld door haar broer in Zweden, die een paspoort voor haar had geregeld. Mathieu stelt dat mevrouw Hertzenberg vermoedelijk op transport is; we weten nu dat zij in april 1943 in Sobibor vermoord is.
Ook Mathieu wordt op 12 juni 1943 uit de basisadministratie van Amsterdam uitgeschreven naar Duitsland. Hij wordt op 23 juni 1943 in Sobibor vermoord.

bron:
digitale stamboom stadsarchief rotterdam
gw.geneanet.org/ervandam?lang=nl;p=margaretha+meta;n=van+leeuwen (bezicht 21 okt 2013)
stadsarchief amsterdam, persoonskaart
informatie Fordfabriek: wikipedia (bez 21 okt 2013)
Schütz, Raymund, Vermoedelijk op transport. Masterscriptie Archiefwetenschappen Universiteit Leiden (Leiden, 2010)
joodsmonument.nl
communityjoodsmonument.nl

afbeelding:
ma´ariv – ruben castro