vernietigingskamp Auschwitz

De plannen van het nationaalsocialisme moesten uiteindelijk leiden tot een nieuw Europa. Een Europa waar de ariër heer en meester zou zijn, een Europa waar miljoenen mensen moesten worden uitgeroeid om hier gestalte aan te kunnen geven. De plannen om miljoenen mensen om te brengen zijn lastig uit te voeren, vooral omdat men zocht naar een methode om dit vlot uit te voeren.

In het bezette deel van Polen en Rusland werden Joodse families op straat of bij een daarvoor, vaak door hun zelf, gegraven greppel neergeschoten. Om die methode ook te gebruiken in het verstedelijkte West-Europa was moeilijk en zou tot veel protest leiden; protest vanwege het “zichtbaar” zijn en protest vanwege het feit dat de Joodse gemeenschap meer geassimileerd was dan in Oost-Europa. Er moest een andere methode komen en plannen hiervoor werden uitgedacht, voor en tijdens de beginperiode van de Tweede  Wereldoorlog. Ook over de methode van het moorden werd nagedacht en experimenten met koolmonoxide werden uitgevoerd op Duitse zwakzinnigen. Dat kostte zo’n 100.000 van hen het leven.

Geformaliseerd werden de plannen op 20 januari 1942 toen in een buitenwijk van Berlijn, op Am Grossen Wannsee 56-58 in een villa een conferentie werd gehouden die later bekend is geworden als de Wannsee-conferentie. Hier kwam de inventarisering van de Joodse bevolking van Europa op tafel en werd over hun lot beschikt. Reinhard Heydrich was aangesteld om de plannen voor de “definitieve oplossing”, de Endlösung, vorm te geven.

De inventarisatie van de hoeveelheid Joodse inwoners van Europa kwam neer op 11 miljoen mensen. Hoewel er tijdens de conferentie vaak gesproken werd over “auswanderung” en “umsiedlung” was Heidrich toch duidelijk over de precieze bedoeling van de Endlösung: “Onder begeleiding, met het oog op de Endlösung, worden de Joden geherhuisvest voor passend werk in het oosten. Sterke Joden, gescheiden van elkaar naar sekse, zullen in grote werkgroepen naar deze gebieden gebracht worden voor werk aan de wegen. Tijdens dit werk zal zonder twijfel een groot deel van hen omkomen door natuurlijke oorzaken. De dan overblijvenden zullen, omdat zij zonder twijfel de sterksten zijn, ook naar behoren moeten worden behandeld aangezien zij anders kunnen dienen als het zaad van een nieuwe Joodse wederopstanding“.

De plannen vereisten een gigantische logistieke operatie. Er moesten kampen worden gebouwd in het oostelijk deel van Europa. Daarbij moest gebruik kunnen worden gemaakt van bestaande infrastructuur, zoals spoorwegen. De kampen mochten niet dicht bij woonkernen liggen om de moordpartijen zo geheim mogelijk te houden. Bouwmaterialen moesten kunnen worden aangevoerd, er moest voldoende ruimte zijn voor de grootte van het kamp en er moest (een locatie voor) woongelegenheid zijn voor de kampleiding en hun gezinnen.
Deze ruimte werd gevonden in Polen waar de nazi’s op 1 september 1939 al binnengevallen waren. Verschillende plaatsen waren bruikbaar, waaronder het plaatsje Oswieçim, goed bereikbaar per spoor, vlakbij de voormalige grens met Duitsland (Kattewitz, Katowiçe). Het had een leegstaande voormalige kazerne en deze was goed bruikbaar. Deze kazerne had 20 gebouwen, 14 met één verdieping en 6 met twee. In 1940 en 1941 werden alle lage gebouwen door gevangenen met een verdieping verhoogd en er werden 8 nieuwe gebouwen neergezet. Het kamp lag wel dichtbij de woonkern, maar een deel van Oswieçim werd ontruimd om plaats te maken voor de Duitse kampleiding.

De meeste vernietigingskampen lagen in Polen. Het waren Belzec bij Lublin, Chelmno bij Lodz, Majdanek bij Lublin, Maly Trostenets bij Minsk (Wit-Rusland), Auschwitz-Birkenau bij Oswieçim, Sobibór bij Chelm en Risiera di San Saba in Italië. In totaal waren er zo’n 1600 concentratiekampen, het wil dus niet zeggen dat er in de overige kampen geen doden vielen. Als voorbeeld hiervoor Bergen-Belsen. Daar kwamen veel mensen om, maar dit soort kampen werd niet als vernietigingskamp gebouwd. Auschwitz wel.

Auschwitz was een gemengd kamp. Eigenlijk was wat we nu Auschwitz noemen een complex aan kampen zich uitstrekkend over de gehele plaats Oswieçim en de omgeving. De voormalige Poolse kazerne werd als eerste in gebruik genomen, in juni 1940, en wordt Auschwitz I genoemd. Dit kamp was vooral een werkkamp, een Arbeitslager, maar er was ook een gaskamer. Deze gaskamer, nog steeds in tact, had echter niet de vereiste capaciteit voor de geplande massamoord. In Auschwitz I waren er meestal tussen de 13.000 en 16.000 gevangenen (najaar 1942 20.000!) aanwezig.
Na de ingebruikname van Auschwitz I werd 3 km verderop, bij het plaatsje Brzezinka, (dat deels gesloopt werd voor de aanleg van dit kamp) in 1941 het 175 ha grote Auschwitz II aangelegd, Auschwitz-Birkenau. Auschwitz I was vooral een werkkamp (ca. 70.000 slachtoffers), Auschwitz II was vooral een vernietigingskamp (tussen de 1,1 en 1,6 miljoen slachtoffers). Naast deze twee kampen werd er in de wijde omgeving nog een groot aantal, zo’n 40, kleinere kampen gebouwd, waaronder Auschwitz-Monowitz, een werkkamp op het terrein van IG Farben. Er werd gekeken naar wat voor arbeidskracht nodig was voor de oorlogsindustrie; een deel van de Endlösung was het laten doodwerken van de gevangenen.
De eerste vergassing in Auschwitz (Auschwitz I) dateert van september 1941. De vergassing met koolmonoxide bleek niet goed bruikbaar – het moest in grote hoeveelheden geproduceerd worden en het proces verliep te langzaam, zeker wanneer er veel mensen tegelijk vergast moesten worden. Lagerführer Karl Fritsch kreeg van Höss de opdracht om te experimenteren met Zyklon B, blauwzuurgas, dat gebruikt werd om kleding te ontluizen. Fritsch nam een transport Sovjet-gevangenen, sloot ze op in de kelder van Block 11, gooide de blauwzuurkristallen naar binnen en binnen een paar minuten waren deze gevangen dood. Na dit “succes” voerde hij op 3 september zijn eerste grote executie uit.Deze eerste provisorische gaskamer voldeed echter niet. Het was te veel werk om alle lijken na het vergassen naar het crematorium te krijgen, enkele gevangenen overleefden het en het duurde te lang om de kelder goed te luchten. Fritsch herinnerde zich echter het lijkenhuis in Auschwitz I , dat kort daarvoor voorzien was van krachtige ventilatoren. Het luchten van de ruimte zou daar wel snel kunnen en door de proeven was het duidelijk geworden dat elke goed afsluitbare ruimte geschikt gemaakt kon worden als gaskamer.
Op 16 september werden in deze nieuwe ruimte 900 Sovjet-gevangenen vergast. Deze gaskamer is in 1941 en 1942 in gebruik geweest. Het waren vooral Sovjets die in eerste instantie in Auschwitz terecht kwamen. Maar omdat Hitler de Sovjets niet versloeg bleef de geplande grote toevloed van Sovjetgevangenen naar Auschwitz uit en de capaciteit van het kamp bleef deels onbenut. Tegelijkertijd was de capaciteit van kampen als Chelmno (Kulmhof), waar men met een vergassingswagen werkte, onvoldoende, ondanks dat daar toch 150.000 mensen zijn omgebracht.

Himmler, de Reichsführer-SS, gaf de opdracht om, wanneer er geen Sovjets kwamen, dan de Joden naar de kampen die voor de Sovjets bedoeld waren te sturen, daarmee bedoelde hij de kampen Auschwitz en Majdanek. Vanaf maart 1942 kwamen de Jodentransporten naar Auschwitz op gang. Ook vanaf die tijd werden de vier gaskamers van Auschwitz-Birkenau gebruikt. Zij hadden een grotere capaciteit dan die van Auschwitz I. Daarnaast was Auschwitz-Birkenau beter per trein bereikbaar. De gevangen die naar Auschwitz I gingen moesten vanaf nabij het station, vanaf de Judenrampe, lopen naar dat kamp; voor Auschwitz-Birkenau werd dat ook gedaan tot 1944, toen werd een aftakking van de spoorlijn aangelegd die tot in het kamp doorliep. Ondanks verschillende films waar het lijkt of de trein altijd tot in het kamp doorreed werd deze aftakking slechts 2 maanden gebruikt.
De capaciteit van Auschwitz-Birkenau was groot, men kon bijna 5000 mensen per dag vermoorden in de vier gaskamers.

Bij aankomst in Auschwitz vond een selectie plaats. Deze selectie werd uitgevoerd op een groep mensen die in erbarmelijke omstandigheden – vaak dagen staand met nauwelijks ruimte – vervoerd waren. Deze selectie gebeurde eerst buiten het kamp op de Judenrampe, in de laatste maanden in het kamp zelf.

September 1939: Hitler beveelt euthanasie voor ongeneeslijk zieken. Met de “Actie Genadedood” experimenteren de nazi’s met het vermoorden van verstandelijk gehandicapten met behulp van uitlaatgassen in bussen en later vergassing in vaste ruimtes. Naar schatting 100.000 gehandicapten worden in twee jaar tijd vermoord. Hitler sprak van ,,levensonwaardig leven”, woorden die ruim werden geïntepreteerd. De wijze waarop deze moorden zijn gepleegd, was het prototype voor de vernietigingskampen.
 
September 1939: Met de Duitse inval in Polen begint de Tweede Wereldoorlog. De nazi’s hadden van te voren bepaald dat alle intelligente of vooraanstaande Polen moesten worden vermoord. Hitler en sovjetdictator Stalin hadden kort daarvoor Polen verdeeld.
 

Juni 1940: Een kazerne bij Auschwitz opent als concentratiekamp voor Polen (Auschwitz I)

Maart 1941: De leider van de Schutzstaffel (SS), Heinrich Himmler, bezoekt Auschwitz en beveelt een grote uitbreiding van het complex aan voor dwangarbeiders voor een industrie- en bouwproject van de SS.

Juni 1941: Duitse inval in de Sovjet-Unie. De troepen worden gevolgd door eenheden, Einsatzgruppen, die talloze Joden vermoorden. Een aantal Russische krijgsgevangenen komt naar Auschwitz.

Juli 1941: SS-topman Heydrich krijgt bevel om de “definitieve oplossing van het joodse vraagstuk” voor te bereiden.

September 1941: Eerste proef met vergassingen in Auschwitz. De daders gebruiken Zyklon B om zeshonderd Russen en 250 joden te vermoorden.

September 1941: Himmler meldt dat alle joden naar het oosten moeten worden gedeporteerd.

October 1941: De bouw van het kamp Auschwitz-Birkenau (Auschwitz II) begint.

December 1941: Begin van vergassingen met uitlaatgassen van motorvoertuigen in bezet Polen en opening eerste vernietigingskamp Chelmno (Kulmhof), waar uitsluitend wordt gemoord. Er zijn eind 1941 voor de massamoorden met gas al zeker een miljoen joden op andere wijzen om het leven gebracht.

Januari 1942: Berlijn bepaalt dat Russische krijgsgevangenen naar wapenindustrie in Duitsland gaan. Dat betekent onvoldoende slaven voor de mijnen rond Auschwitz en de industrie in Monowitz (Auschwitz III).

Januari 1942: Conferentie in Wannsee bij Berlijn. De nazi-leiding stemt in met ,,definitieve oplossing Joodse vraagstuk”.

Juli 1942: Eerste grote groep Joden, afkomstig uit Slowakije, wordt naast spoorrails in Auschwitz opgedeeld in een kleine groep dwangarbeiders en een grote groep die wordt vergast. De functie van Auschwitz als voornaam vernietigingscentrum begint met deze massamoord.

Maart 1943: Nieuwe gaskamers en crematoria in Auschwitz-Birkenau geopend.

Mei 1943: De arts Josef Mengele komt naar Auschwitz om gruwelijke experimenten te doen met aanvankelijk zigeuners, kinderen en tweelingen.

Oktober 1944: Opstand van Joodse gevangenen in Auschwitz die in gaskamers en crematoria moeten werken (Sonderkommando), in samenwerking met het Poolse verzet. De opstand en de naderende Duitse nederlaag leiden tot de sluiting van gaskamers in november. Himmler beveelt alle sporen van de misdaden uit te wissen. Er wordt gepoogd de gaskamers met dynamiet op te blazen, de ruïnes zijn nog steeds zichtbaar.

Januari 1945: (18-21 januari) Circa 56.000 overlevenden worden gedwongen door de kou naar het westen te lopen in zogeheten dodenmarsen. De 27e bereiken Russen het kamp, waar dan nog 7650 mensen verblijven.

Bron lijst: SP!TS Actueel

Bij de selectie, vaak uitgevoerd door kamparts Mengele, werd het lot bepaald. Aan de ene kant kwamen veel van de vrouwen, kinderen en oude van dagen te staan, deze mensen gingen direct naar de gaskamer, of, wanneer de capaciteit onvoldoende was, moesten zij buiten de gaskamers wachten op hun beurt – onwetend van hun lot.
Een klein deel werd geselecteerd om te werken. Werken voor de Duitse oorlogsindustrie (Monowitz), maar ook om de machinerie van het concentratiekamp draaiend te houden, variërend van werk in de keuken, werk in het deel waar de bagage uitgezocht werd (Kanada) tot aan de Sondercommando’s waar men de doden uit de gaskamer moest halen en naar het crematorium moest brengen.

De mensen die na aankomst vergast werden wisten vaak niet wat hen ging gebeuren. Het was essentieel om deze mensen rustig te houden en ze hadden nauwelijks contact met de overige gevangenen in Birkenau.

De gaskamers hadden eenzelfde ontwerp. Eerst betrad men een ondergrondse kleedruimte waar 2000 mensen zich konden uitkleden. Men liet ze in de waan dat men ging douchen en men vertelde de gevangenen dat zij kun kleding goed moesten opstapelen, de schoenen met de veters aan elkaar moest knopen en men kreeg een nummer dat men onthouden moest zodat men later de bagage kon terugvinden. Daarna betrad men een ruimte die eruit zag als een doucheruimte, met douchekoppen en al.
De ruimte was krap, werd hermetisch afgesloten en in een buis in het dak werd een klep geopend, de Zyklon-B kristallen naar beneden geworpen die zich al snel tot blauwzuurgas omvormden. De dood trad snel in. Na 20 minuten leefde er niemand meer maar dat betekent niet dat mensen niet een verschrikkelijke doodsstrijd moesten strijden. Aan de manier waarop de doden in de gaskamers lagen kon men zien dat men elkaar vertrapte om zo hoog mogelijk te komen, vechtend voor een laatste beetje zuurstof.

Het Sonderkommando had tot doel om dit hele proces, tot en met de crematie van de doden, te begeleiden. Het crematorium was onderdeel van het gebouw. Wie geselecteerd werd voor het Sonderkommando eindigde zelf ook doorgaans in de gaskamer. De nazi’s wisten precies waarmee ze bezig waren en wilden geen getuigen achterlaten voor hun misdaden.
Toch zijn er een paar mensen die dit hebben overleefd en hun getuigenissen zijn opgetekend.
Ook lukte het een Sonderkommando om in opstand te komen tegen de nazi’s. Op 7 oktober 1944 werd Krematorium IV voor een deel vernield door springstof, dat eerder door vrouwen uit een wapenfabriek gesmokkeld was. Het grootste deel van de betrokken mensen bij deze opstand, zo’n 250, werd opgepakt en vermoord.

Vluchten
Vluchtpogingen zijn er ook geweest in Auschwitz – Birkenau. Wanneer mensen vluchtten werd er fanatiek op gejaagd. De moraal van de gevangen moest laag geworden houden en de moraal zou door zo’n vluchtpoging te goed kunnen worden. Wanneer men gepakt werd werd men gemarteld, vernederd en de straf was de hongerdood. Van de 700 vluchtpogingen zijn er 300 geslaagd.

Vernietiging
De nazi’s realiseerden zich in 1944 dat de oorlog niet gewonnen ging worden en de Russen waren vanuit het oosten al in aantocht, en zouden Birkenau gaan bevrijden. De gaskamers en crematoria probeerde men in november 1944 op te blazen, om hiermee de sporen uit te wissen. In januari 1945 besloot de leiding het kamp te evacueren en de gevangenen onder erbarmelijke omstandigheden naar het westen te brengen. Deze tochten, deels lopend, werden in Poolse winter velen fataal en worden later de dodenmarsen genoemd. Zo’n 10.000 gevangen bleven in het kamp achter, zij waren te ziek en de nazi’s verwachten dat zij voor de bevrijding van het kamp dood zouden zijn. Toen de Russen op 27 januari 1945 het kamp bevrijdden waren nog 7500 van hen levend. De overgebleven bewakers werden onmiddellijk door de Russen gedood.

Nu
Auschwitz is er nog steeds en nog steeds te bezoeken. Deels moet het kamp gerestaureerd worden om deze getuigenis van het verleden voor de toekomst te behouden. Bij mijn twee bezoeken aan dit kamp viel op dat bij het eerste bezoek de Poolse regering vooral aandacht besteedde aan de omgekomen Poolse gevangen. Nu is dat meer rechtgetrokken. De kampen hebben veel belangstelling, helaas voelen niet alle bezoekers aan het kamp de vereiste piëteit aan, wat ergerlijk is voor de bezoekers die dit wel willen. Het is te hopen dat dit in de toekomst ook beter bewaakt kan worden.

Foto’s van Auschwitz 2003: