Benjamin Liepman Prins

Benjamin Liepman Prins (Arnhem, 20 januari 1860 – Amsterdam, 4 oktober 1934) was een Nederlandse kunstschilder. Hij maakte veel portretten en stillevens. Benjamin kwam uit het orthodoxe gezin van tapijtkoopman Eliezer Liepman Philip Prins (Arnhem, 16 maart 1835 –Frankfurt am Main, 21 oktober 1915) en Henrietta Jacobson (1836–1885), waar hij het derde van zes kinderen was. Benjamin had een groot talent had voor tekenen en hij studeerde van 1877 tot 1882 aan de Rijksakademie voor Beeldende Kunsten te Amsterdam, bij August Allebé. Van 1882 tot 1884 studeerde hij aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten van Antwerpen, onder Karel Verlat. Daarna werkte en studeerde hij tot 1888 in Parijs. 

In 1886 exposeerde Benjamin voor het eerst in Amsterdam. Hij vestigde zich in Amsterdam en opende daar een atelier. Toen Joseph Henri Teixeira de Mattos in 1893 naar Londen vertrok, verhuurde hij zijn prachtige huis met atelier op de Plantage Franschelaan 25 aan Benjamin Prins.In Frankfurt am Main ontmoette hij Rosa (Therese) Benari (Hildburghausen, 6 november 1862 – Amsterdam, 28 december 1938), dochter van Louis Benari en Gretchen Oppenheim. Hij trouwde met haar en zij kregen twee dochters; Molly en Gretha. 

De thema’s die terug te zien zijn in de schilderijen komen vaak vanuit de Joodse gemeenschap. Hij verkeerde daar doorgaans in het orthodoxe milieu. In het begin van de vorige eeuw was Benjamin een bekend schilder. Hij was voorzitter van Arti et Amicitiae, de vereniging van beeldende kunstenaars en kunstliefhebbers. 

In 1904 bezocht Koningin Emma Amsterdam. Er werd veel voor dit bezoek op touw gezet; zo werd er een kunstenaars-taveerne gebouwd waar een woning van Jan Steen was nagemaakt en Benjamin deze schilder moest voorstellen. Hij werd voorgesteld aan Koningin Emma.
Koningin Emma kocht in 1904 bij een tentoonstelling in Arti een werk van Benjamin; ‘De Zeeman’.

Bij zijn overlijden benadrukte het Algemeen Handelsblad dat Benjamin gezien was in Amsterdam. Een jaar na zijn overlijden werd zijn atelier en nagelaten werken geveild bij de Kunst- en Antiekveiligen N. V. op het Rokin 102 in Amsterdam. Benjamin werd begraven op Muiderberg en heeft daar geen matseiwa (zerk).

Benjamin woonde naast de Plantage Franschelaan onder andere op de Kloveniersburgwal 101 en de Sarphatistraat 90, 

 

 

bron:
Sarphatistraat, Stadsarchief Amsterdam, Bevolkingsregister 1874-1893, archiefnummer 5000, inventarisnummer 2121.
Kloveniersburgwal, Stadsarchief Amsterdam, Bevolkingsregister 1874-1893, archiefnummer 5000, inventarisnummer 1848.
Benjamin Prins, Wikipedia, https://nl.wikipedia.org/wiki/Benjamin_Prins (geraadpleegd 20 juni 2026).
Joods Virtueel Museum, https://www.joodsvirtueelmuseum.nl/kunstenaar/benjamin-liepman-prins/ (geraadpleegd 20 juni 2026).
DE JAN STEEN-KAMER.. “Het nieuws van den dag : kleine courant”. Amsterdam, 06-02-1904, p. 5. Geraadpleegd op Delpher op 20-06-2026, https://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010128673:mpeg21:p005.
BENJAMIN PRINS OVERLEDEN. “Algemeen Handelsblad”. Amsterdam, 07-10-1934, p. 7. Geraadpleegd op Delpher op 20-06-2026, https://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010662959:mpeg21:p003.
Veiling, Advertentie. “Algemeen Handelsblad”. Amsterdam, 05-05-1935, p. 16. Geraadpleegd op Delpher op 20-06-2026, https://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010663927:mpeg21:p008.

gepubliceerd:
28 juni 2026

laatst bijgewerkt:
28 juni 2026