Procuratiehouder Heiman Maurits Polak (Hoorn, 21 april 1907 – Amstelveen, 12 april 1979) en zijn echtgenote Sijtje Petronella Hendrika Hoek (Andijk, 21 oktober 1910) woonden vanaf maart 1935 op de Niersstraat 27-1. Heiman en Sijtje hadden drie kinderen; Salomon Jacob (1938 – 2014), Jacoba Judith (1940), Judith Alberta (1943 – 2019) en Gertrude (1948 – 2014)
Heiman was een slagerszoon en zijn vader, Samuel (Hoorn, 24 juli 1852 – Hoorn, 21 januari 1921), had in Hoorn een slagerij op de Grote Noord 73. Heimans moeder was Judith van Brink (Lienden, 21 december 1870 – Sliedrecht, 21 januari 1953).
Samuel was een van de initiatiefnemers van de Hoornse IJsfabriek. Samen met vier andere slagers en een banketbakker liet hij, vanwege de stagnatie in de aanvoer van ijs uit Amsterdam, een ijsfabriek bouwen. Heiman, 4 jaar oud, mocht de eerste steen leggen op 6 maart 1912 en enkele maanden later ging de onderneming van start. De onderneming draaide goed en toen in 1926 deze moest worden uitgebreid legde Heiman wederom de eerste steen, nu voor de uitbreiding.
| Heiman was voor de oorlog (onder andere) procuratiehouder bij de firma M. Vorst aan de Cruquiusweg 62-68. |
In 1934 verliet Heiman Hoorn en ging naar Amsterdam, waar hij procuratiehouder en boekhouder werd. Tijdens de bezetting moest de gemengd-gehuwde Heiman onderduiken, hetgeen hij in zijn eigen huis op de Niersstraat deed. Ook heeft hij tijdens de bezetting in het werkkamp voor gemengd-gehuwde Joden ’t Zand moeten werken, een kamp dat van april 1944 tot september 1944 heeft bestaan.
Belofte na de bezetting
Heiman overleefde de oorlog dankzij het gemengde huwelijk en de onderduik. Ook na de oorlog speelde Heiman een rol in de geschiedenis van Hoorn. In 1778 werd de oudste Joodse begraafplaats in Hoorn opgericht bij de Westersingel (hoek De Weel en het Keern) en in 1968 moest de begraafplaats wijken voor de aanleg van toegangsweg voor een nieuwe woonwijk, Grote Waal. De stoffelijke resten van 614 personen werden onder rabbinaal toezicht herbegraven en 229 matseiwoth (zerken) werden herplaatst op een apart deel van de Algemene Begraafplaats aan de Berkhouterwerg in Hoorn.
Heiman Polak voerde strijd om de Joodse begraafplaats op de oorspronkelijke plek te behouden en in 1967 vroeg hij de gemeente Hoorn, toen bleek dat het niet zou lukken, om twee belangrijke stenen uit de gevel van het meraheirhuisje te sparen en ‘een passende plaats op de nieuwe begraafplaats te geven’. De stenen kwamen in het Westfries Museum terecht en in 2019, toen de plannen voor een herdenkingsteken vorm begonnen te krijgen, werden de stenen gereinigd en gerestaureerd. Een derde steen werd in juli 2020 bij toeval ontdekt. Dat was een steen waarop vermeld stond dat Benjamin van Kleef deze op 24 april 1918 aanbracht bij de uitbreiding van de toenmalige begraafplaats.
In maart 2022 werden de stenen onthuld op de Joodse begraafplaats aan de Berkhouterweg. De drie stenen, samen met informatie over de geschiedenis van de begraafplaats, zijn vervat in twee muurtjes. Na 55 jaar was de belofte aan Heiman Maurits Polak ingelost.
bron:
Heiman Salomon Polak, Stadsarchief Amsterdam, Archiefkaarten, archiefnummer 30238, inventarisnummer 641.
Eerste steen, “Hoornsche courant”. Hoorn, 07-03-1912. Geraadpleegd op Delpher op 06-09-2025, https://resolver.kb.nl/resolve?urn=MMWFA01:000222029:mpeg21:p00002.
Heiman Maurits Polak en zijn familie, Vereniging Oudhoorn, https://www.oudhoorn.nl/, https://oudhoorn-kennisbank.b-cdn.net/hds/addenda/25/0025812_heiman_maurits_polak_en_zijn_familie.pdf (geraadpleegd 6 september 2025).
Heiman Maurits Polak, https://www.oudhoorn.nl/actualiteit.php?id=02268 (geraadpleegd 6 september 2025).
illustratie:
Eerste steen, “Hoornsche courant”. Hoorn, 07-03-1912. Geraadpleegd op Delpher op 06-09-2025, https://resolver.kb.nl/resolve?urn=MMWFA01:000222029:mpeg21:p00002.