
door Machiel Keestra
Maurits (Mau) Bernhard Henri Aussen werd geboren op 19 mei 1902 te Amsterdam. Hij was de ongste zoon van het gezin met zes kinderen. Na het overlijden van zijn vader kon zijn moeder het gezin niet meer geheel onderhouden, zodat hij gedeeltelijk in het Joodse Jongensweeshuis aan de Amstel opgroeide – waarvan de contouren nog in het trottoir bij de Stopera te vinden zijn.
Hij bleek een goede leerling en deed met zeer goed gevolg eindexamen op de HBS – de eerste weesjongen die dat diploma behaalde. Daarna werd hij werknemer bij een papierhandel waarvoor hij ook naar het buitenland reisde zoals naar Colombo (Sri Lanka). Na verloop van tijd richtte hij een importzaak op in de papierbranche. Volgens een krantenbericht uit 1926 deed hij mee aan de Amstelhoek-tenniscompetitie op de banen bij Amsteldijk 290 – waar hij overigens twee sets verloren had.

Hij trouwde op 22 september 1937 met Johanna Mok. Jo Mok was (directie-) secretaresse bij de vakbond NVV. Zij verhuisden samen naar Waalstraat 37-1, in Amsterdam. Volgens overlevering had Maurits destijds al twee telefoonaansluitingen, zodat hij als papiermakelaar tegelijk met twee partijen kon onderhandelen over een lading papier die -bijvoorbeeld per boot- onderweg was.
Mau en Jo kregen twee kinderen. Robert (Rob) Bernhard Henri werd geboren op 22 maart 1938 en Hendrina Louise (Hennie, later Zusje en als volwassen vrouw Inez genoemd) geboren op 2 mei 1940. Vanwege deze laatste zwangerschap had de familie Aussen vertrek per boot naar Amerika uitgesteld, waarvoor ze reeds de plaatsen geregeld had. Helaas heeft de Duitse inval vervolgens de emigratie verhinderd.

In 1942 besloten Mau en Jo dat onderduiken noodzakelijk was. Zij bleven in onderduik in Amsterdam. Echter wist hun zoon Rob zich nog te herinneren dat hij zijn ouders hoorde uitwisselen: “Maar de kinderen dan?”, “Die zijn beter af als ze zonder ons zijn.” Helaas bleken deze woorden van zijn vader profetisch te zijn. De twee kinderen gingen daarop eerst gezamenlijk in de provincie in onderduik, maar na enige tijd werden ze van elkaar gescheiden ondergebracht op adressen in Limburg. Zij overleefden beiden de oorlog en werden weer samengebracht na de bevrijding van Limburg bij Zusje’s onderduikadres.
Mau en Jo werden in Amsterdam op hun onderduikadres opgepakt en direct naar Westerbork gebracht. Daar kwamen ze aan op 29 juni 1943 en werden van daaruit direct doorgestuurd. Zij zijn omgekomen in Sobibor op 2 Juli 1943 – dat wil zeggen de datum die het Rode Kruis hanteert voor niet geadministreerde overlijdensdata…
Op 8 juni 2026 werden tijdens een mooie plechtigheid twee Stolpersteine geplaatst voor het huis op de Waalstraat 37. Een voor Mau, een voor Jo.
auteur:
Machiel Keestra (email 26 mei 2026).
illustraties:
familiearchief familie Keestra
Stolpersteine, © joodsamsterdam.nl, 8 juni 2026
gepubliceerd:
26 mei 2026
laatst bijgewerkt:
8 juni 2026