de kidoesjbeker in de onderduik

Het was een geschenk van Zwi Joel von Frank aan zijn vader Aharon von Frank op de dag dat hij zestig jaar oud werd, 28 sjewat 5672, een zilveren kidoesjbeker en een gegraveerd zilveren schaaltje. Een nabestaande van Aharon ging in de onderduik in Amsterdam-West en gaf het aan de onderduikgever. Wat is het verhaal achter deze kostbare beker?

Het nazoeken van deze familie heeft twee problemen. De Joodse naam is gebruikt, de Joodse jaartelling is gebruikt. Bij het omzetten van de jaartelling komt eruit dat Aharon zestig jaar oud werd op 16 februari 1912. Hij is dan geboren rond 16 februari 1852 óf, als de geboortedatum 28 sjewat 5612 is rond 18 februari 1852.

Aron van Frank
Op 15 februari 1852 werd Aron van Frank geboren in Alkemade als zoon van Hartog Joel van Frank (1817) en Vrouwtje Oppenheim (1810 – 1875). Wanneer Aron na zonsondergang werd geboren geldt dat voor de Joodse kalender als de volgende dag.
Aron trouwde met Sientje van Amerongen (Nieuwendam, 10 februari 1859 – Leiden, 28 december 1927). Hij woonde ten tijde van zijn overlijden op 28 juli 1933 in Leiden.

Sientje en Aron kregen de volgende kinderen: Hartog Joel (Leiden, 24 december 1879 – Leiden, 11 februari 1881), Isaac (Leiden, 22 november 1880 – Leiden, 1 oktober 1882), Hartog Joel (Leiden, 22 december 1881 – Amsterdam, 19 mei 1937), Vronika (Leiden, – Sobibor, ), Beletje (Leiden, 5 januari 1886), Levie (Leiden, 3 september 1888 – Auschwitz, 22 oktober 1942), Isaac (Leiden, 2 november 1889 – Leiden, 9 april 1891), Henriëtte (Leiden, 2 mei 1892 – Auschwitz, 1 augustus 1942), David (Leiden, 28 november 1893) en Rebecca (Leiden, 27 juli 1906).

Op het schaaltje dat bij de beker hoort is de volgende tekst gegraveerd (vertaald): Herinneringsgeschenk aan mijn vader, de eerbiedwaardige Aharon, de zoon van Zwi Joel von Frank, van zijn zoon Zwi Joel, op de dag waarop aan hem 60 jaren waren vervuld sinds zijn geboorte 28 Sjewat (5)672 volgens de jaarrekening zonder duizendtallen.

Op de beker staat: beker van de zegen.
 

De naam die voor de Burgerlijke Stand werd gebruikt, Hartog, is de Joodse naam Zwi en daarmee is de persoon gevonden voor wie de kidoesjbeker was. Aron, zoon van Hartog Joël, kreeg de beker op 15 of 16 februari 1912 van zijn oudste levende zoon Hartog Joël.

Zijn er nabestaanden?
Zoon Hartog Joel trouwde op 5 september 1907 met Fransje Davidson (Beverwijk, – Amsterdam, ). Zij hadden een dochter Josina (Amsterdam, – Sobibor, ). Josina was getrouwd met Meijer Keijser (Amsterdam, – Sobibor, ). Josina en Meijer hadden een dochter Francine Harriëtte (Amsterdam, – Sobibor, Verder hadden Hartog en Fransje een dochter Irene (Amsterdam, – Extern kommando Beendorf,

De beker en het schaaltje waren eigendom van Aron en kunnen ook bij een van de andere kinderen terecht zijn gekomen. De twee oudere broers van Hartog waren voor de oorlog overleden. Na Hartog werd Vronika geboren en zij huwde met Hartog Joël van Amerongen (Naarden, – Sobibor, ). Hartog en Vronika woonden ten tijde van de oorlog met hun drie kinderen in Leiden. De kinderen waren Levie (Leiden, 15 november 1905 – Leiden, 19 oktober 1978), Sientje (Leiden, 29 december 1906 – Rotterdam, 24 augustus 1993) en Sara (Leiden, 12 oktober 1914 – Leiden, 9 april 1987). De drie kinderen hebben de oorlog in de onderduik overleefd en zij kunnen mogelijk, al dan niet samen met hun ouders, degenen zijn die in Amsterdam waren ondergedoken.

Beletje trouwde op 23 januari 1907 met diamantslijper en later broodbezorger Isaac Frankfort (Amsterdam, – Birkenau, ). Beletje overleed op jonge leeftijd voor 5 mei 1920. Isaac huwde later met een jongere zuster van Beletje. Beletje had, voor zover is na te gaan, geen kinderen.

Levie (Leiden, 3 september 1888 – Auschwitz, 22 oktober 1942) woonde ten tijde van de oorlog in Scheveningen. Hij was koopman en gehuwd met Rebecca van Gelderen (Kampen, – Auschwitz, ) en zij hadden de volgende kinderen: Aron (Den Haag, – Auschwitz, ), Beletje Veronica (Den Haag, – Auschwitz, ) en Ezechiël (Leiden, – Auschwitz, ). Een van hun kinderen, Jetje (Den Haag, 26 mei 1922 – Leiden, 2 juli 1979) overleefde de oorlog. Jetje kreeg met Louis Johan Haasnoot twee kinderen, Karin en Edward.

Isaac (Leiden, 2 november 1889 – Leiden, 9 april 1891) overleed op jonge leeftijd.

Henriëtte (Leiden, 2 mei 1892 – Auschwitz, 1 augustus 1942) trouwde na het overlijden van haar zus Beletje met haar zwager diamantslijper en later broodbezorger Isaac Frankfort (Amsterdam, – Birkenau, ). Isaac en Henriëtte hadden een dochter Celina (Antwerpen, – Birkenau, ). Ten tijde van de oorlog woonde het gezin in Scheveningen.

David (Leiden, – Auschwitz, ). David verloofde zich op 9 juli 1918 met Amalia Schweiger (Breda, – Auschwitz, ). Hiervan is een advertentie teruggevonden in het Nieuw Israëlietisch Weekblad. David en Amalia kregen zeven dochters; Louise (Den Haag, – Auschwitz, ), Sientje (Den Haag, – Auschwitz, ), Hani Sara (Den Haag, – Auschwitz, ), Veronica (Den Haag, – Auschwitz, ), Pauline (Den Haag, – Auschwitz, ), Henriëtte (Den Haag, – Auschwitz, ) en Lea (Den Haag, – Auschwitz, ). Ten tijde van de oorlog woonde het gezin in Scheveningen.

Rebecca (Leiden, 27 juli 1906). Rebecca trouwde met Mozes Joseph van Gelderen (Leiden, 2 februari 1904 – Naarden, 25 september 1969) en woonde in 1959 in Naarden. Het zou kunnen zijn dat Rebecca en Mozes in deze onderduik waren.

De onderduik
De onderduik vond plaats op de Lootsstraat 36-3 in Amsterdam – west. Dit was een gehorige bovenwoning en niet geschikt voor de onderduik. Hier woonde Anna Wilhelmina Ransijn – Jong (1898) met haar dochter, haar man Franciscus (1897) was voor de oorlog overleden. De broer van Anna, Piet, zat in het verzet en zocht af en toe voor kortere of langere tijd een plek voor onderduikers.

Wie had de kidoesj-beker?
Dit onderzoek geeft duidelijk aan voor wie de beker en het schaaltje was en wie het schonk. Binnen het gezin van Aron waren er verschillende kinderen die de beker en het schaaltje mee hadden kunnen nemen in de onderduik in Amsterdam, zowel kinderen als kleinkinderen. Daarbij is de onderduiklocatie Amsterdam minder waarschijnlijk bij een aantal van de gevonden woonplaatsen van familieleden tijdens de oorlog, maar het was niet onmogelijk. Wellicht is er een lezer die iets van het verhaal herkent en een van de namen van familieleden van Aron van Frank kan koppelen aan de Lootsstraat in Amsterdam. Weet u iets, mail s.v.p.

 

bron:
W. F. van Zegveld, De Joden van Leiden, deel 1a aanvulling op deel 1 (Capelle aan den IJssel 1992) 143.
Sientje van Amerongen, Overlijdensakten 1927, archiefnummer 0516, Stadsarchief van Leiden (Stadsbestuur (SA III)) (1816-1929), inventarisnummer 5048, aktenummer 992.
Irene van Frank, Stadsarchief Amsterdam, Archiefkaarten, archiefnummer 30238, inventarisnummer 246.
Joseph Philip Teeboom, Stadsarchief Amsterdam, Archiefkaarten, archiefnummer 30238, inventarisnummer 803.
Beletje van Frank, Stadsarchief Amsterdam, Overgenomen delen, archiefnummer 5416, inventarisnummer 160.
F. A. J. Ransijn, Stadsarchief Amsterdam, Gezinskaarten, archiefnummer 5422, inventarisnummer 1190.
Jetje van Frank, Gemeentearchief Den Haag, 0354-01 Bevolkingsregister gemeente Den Haag, inventarisnummer 528.
David van Frank, Familiebericht. “Nieuw Israelietisch weekblad”. Amsterdam, 14-06-1918, p. 6. Geraadpleegd op Delpher op 08-05-2022, https://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010859683:mpeg21:p006

illustraties:
met dank aan E. Tempelaars, per mail 4 mei 2022

gepubliceerd:
8 mei 2022

laatst bijgewerkt:
9 mei 2022