Engelina Margaretha Carry Lissaur

Engelina Margaretha Carry (Ellien) Lissaur is begraven op de Joodse begraafplaats in Malmö en overleed kort na de oorlog, op 4 juni 1945 in Landskrona. Wat is haar verhaal?

Engelina werd geboren op 2 september 1930 in Amsterdam als dochter van Jesaia Lissaur (ook genoemd Jesse Lissauer, Amsterdam, 25 juni 1903 – Amsterdam, 28 april 1959) en Elisabeth Charlotte (Lieselotte; Lilo) Ballin (Glauchau, 28 augustus 1908). Het huwelijk tussen haar ouders hield tot 30 juni 1937 stand, Jesaia hertrouwde op 15 maart 1938 met Roosje Prins (Rotterdam, 13 maart 1904). Na het huwelijk met Roosje volgden er nog twee huwelijken. Vader hoorde bij een welgestelde Joodse familie die in de textiel werkzaam was), moeder kwam uit een welgestelde Duits-Joodse familie die eigenaar was van het kledingbedrijf Reihingh-Schreiber. Moeder was wat ziekelijk en vader stond bekend als een playboy en rond 1937 was de relatie tussen hen niet meer te redden.

Na de scheiding ging moeder met Ellien op de Herculesstraat 25a-1 wonen. Ellien ging naar de 1e Montessorischool ‘De Wielewaal’ aan de Corellistraat 1, waar een plaquette is aangebracht waarop Ellien herdacht wordt. Ze bleef op deze school tot de Joodse kinderen naar Joodse scholen moesten. Moeder Lilo bewees aan de Nazi’s tijdens de bezetting dat ze half-Joods was, door te claimen dat ze een christelijke moeder had en daarmee maar twee Joodse grootouders. Dat gaf haar meer vrijheden dan haar dochter, die drie Joodse grootouders had en als Joods werd bestempeld en de ster moest dragen. Lilo verstopte haar dochter bij haar thuis en dit lukte tot augustus 1944. Voor het eten voor Ellien waren bonnen nodig en deze werden geleverd door de ondergrondse. Dit werd in augustus 1944 door een nazi-officier gevolgd en Lilo en Eillien werden onmiddellijk gearresteerd. Moeder en dochter kwamen in eerste instantie in Ravensbrück terecht, en vandaar werden ze overgebracht naar Bergen-Belsen. Ellien zat midden in de groei en dat, gecombineerd met de ondervoeding, eiste veel van haar lichaam. In het voorjaar van 1945 werden moeder en dochter overgebracht naar Neuengamme, waar tyfus heerste. Ze moesten weer op transport en in de trein, in het begin van mei 1945, werden ze bevrijd. Na de bevrijding van het kamp werden ze overgebracht naar een tijdelijk ziekenhuis in Landskrona waar ze de nodige medische zorg kregen. De gezondheid van Ellien was echter door de ontberingen in Bergen-Belsen al te zeer verzwakt en daar overleed ze op 4 juni 1945. Moeder overleefde de oorlog, bleef in Zweden en overleed in Skåne.

 

bron:
Stadarchief Amsterdam, archiefkaart Jessiah Lissaur
Stadsarchief Amsterdam, archiefkaart Elisabeth Charlotte Ballin
www.joodsmonument.nl, lemma Engelina Margaretha Carry Lissaur (geraadpleegd 8 september 2018)
“Advertentie”. “Algemeen Handelsblad”. Onbekend, 12-10-1957. Geraadpleegd op Delpher op 08-09-2018, https://resolver.kb.nl/resolve?urn=KBNRC01:000037836:mpeg21:a0142 https://webcache.googleusercontent.com/search?q=cache:Vod-6esOi4UJ:https://search.ancestry.com/cgi-bin/sse.dll%3Fdb%3Dpubmembertrees%26rank%3D1%26sbo%3Dt%26gsbco%3D5216%252CSweden%26gsln%3DBallin%26gss%3Dangs-d%26gl%3D%26gst%3D%26hc%3D20%26fh%3D220%26fsk%3DBEFmZmYIgAAEBgQncss-61-%26pgoff%3D11+&cd=9&hl=nl&ct=clnk&gl=nl&client=firefox-b-ab

laatst bijgewerkt:
8 september 2018