J. J. Viottastraat

De J J Viottastraat is rustige straat in Amsterdam Zuid waar vrijwel niets herinnert aan de oorlog. Het was toen – net zoals nu – een rustige straat, met een paar villa’s, waar middenklasse en rijkere Amsterdammers woonden. Toch zijn ook hier verhalen over die periode te vertellen.

J J Viottastraat 7 – Neumann
Hier woonden Ernst en Paula Neumann, eigenaar van kledingfabriek Lambert, Janssen & Neumann met fabrieken in de Nieuwe Uilenburgerstraat en de Valkenburgerstraat. Ernst en Paula waren genaturaliseerde Nederlanders, ze werden geboren in Duitsland en zijn op 6 september 1944 vermoord in Auschwitz.

J J Viottastraat 8 – Salomonson
Op dit adres woonde Carel Daniël Salomonson, zoon van Godfried Salomonsom en Marie Rose Asser. Zijn ouders hadden een grote textielfabriek in Almelo. Carel studeerde rechten en vestigde zich in Amsterdam als advocaat en procureur. Hij trouwde in 1900 met Mimi Wertheim, dochter van de bekende bankier. Zij kregen in 1902 hun enig kind Godfried (roepnaam Frits), die advocaat werd. Mimi overleed in 1941 in Amsterdam, vader overleed in Westerbork op 20 januari 1944 en Godfried werd in Midden Europa vermoord op 28 februari 1945.

J J Viottastraat 17 – Texeira de Mattos
Hier woonden Samuel Texeira de Mattos met zijn vrouw Jenny Coopman en hun kind. Het kind overleefde de oorlog. Jenny verongelukte op 21 augustus 1941 met de fiets in Amsterdam en Samuel werd in Auschwitz vermoord op 10 juli 1944.
In 1930 is over Jenny een krantenartikel te vinden waaruit blijkt dat ze drie weken lang het secretariaat van de Vereeniging tot Stichting van Joodsche Tehuizen in Nederland waarneemt. Er komt een tweede tehuis voor deze stichting, Beth Schalom genaamd in Amsterdam—Zuid. Voor bespreking tot inwoning kan men zich vervoegen bij de secretaresse, mevr. S. Hijmans—Schaap, Valeriusstraat 75, Amsterdam. Na 28 augustus 1930 werd het secretariaat gedurende drie weken worden waargenomen door mevr. J. Teixeira de Mattos—Coopman, J. J. Viottastraat 17, Amsterdam-Z., Telef. 20359.

J J Viottastraat 18 – tandarts Sander
Elkan Sander had hier zijn tandartspraktijk. Hij werkte hier en op de polikliniek op Baarsjesweg 266. Elkan was een van de pioniers in de mondheelkunde in Nederland.
Op 14 mei 1940, toen Nederland capituleerde, pleegden Elkan en zijn vrouw Betsy Cornelia Kooperberg zelfmoord en namen hun tweejarig dochtertje Els mee in de dood. Ze werden  begraven op de Joodse begraafplaats in Muiderberg.

J J Viottastraat 22hs – Bloch
Hier woonden David Bloch en zijn vrouw Betje Goedhart. Hun overlijdensdatum is 16 mei 1940, wat doet vermoeden dat ze vlak na de capitulatie zelfmoord pleegden.

J J Viottastraat 21hs – Isaac Roet
In 1938 woonde hier Isaac Roet.

J J Viottastraat 23 – familie De Marcas
Accountant David (Zwolle, 7 januari 1886) en zijn dochters Nora Estella (Amsterdam, 3 december 1922) en Hetty (Amsterdam, 4 december 1918) de Marcas woonden op dit adres tot 1942. David en Nora werden in 1944 in Auschwitz vermoord. Davids vrouw, Marie Leonore Marsman (Leiden, 12 september 1893), was op 17 december 1936 overleden. Hetty heeft de oorlog overleefd. David was een oom van de bekende hoorspelacteur, omroeper, presentator, zanger, cabaretier en nieuwslezer Donald de Marcas (1933).

J J Viottastraat 31 – verpleging
Hier werden Duitse soldaten in de oorlog verpleegd. Aan een krantenartikel uit 1944 blijkt dat pand een van de districtskwartieren was van de Landwacht.

J J Viottastraat 32 – familie De Vries
Op dit adres is een eerste steen geplaatst voor Jacques Maurits de Vries. Het verhaal staat hier.

Viottastraat36kleinJ J Viottastraat 36 huis – fam Korijn
Het gezin van bankier Lodewijk Korijn woonde bij het uitbreken van de 2e Wereldoorlog in dit huis.
Lodewijk werd geboren in Amsterdam op 3 november 1879 en overleed in Amsterdam op 22 december 1942. Hij was getrouwd met Debora van der Berg, geboren in Rotterdam op 18 november 1891.
Lodewijk stamde uit een Amsterdams bankiersfamilie. Hij was een zoon van Eduard Gerard Korijn, de eigenaar van de Disconto- en Effectenbank, met filialen in Amsterdam, Rotterdam en Den Haag. Zijn broer was Julius Korijn, de oprichter van Miss Etam in Nederland. Een oom van Lodewijk was Louis Korijn, die onder de naam Louis Korijn & Co een bank had met filialen aan het Damrak en in Rotterdam, Den Haag en Middelburg en daarnaast de N V bankvereeniging Lodewijk Korijn op Rokin 20.
Het hele gezin overleefde de oorlog niet. Lodewijk overleed in Amsterdam, Debora in Bergen-Belsen op 16 maart 1945. Hun drie dochters, Theodora, Anna en Elise, werden in 1943 vermoord in -respectievelijk- Auschwitz, Auschwitz en Sobibor. Het gezin, met foto’s, staat beschreven op deze pagina.
Na het wegvoeren van de bewoners werd gewoonlijk snel daarna de woning gepulst. Dit gebeurde echter niet met dit huis. Toen het gezin gedeporteerd was is het huis gemeubileerd in 1944 aan Otto Rebholz van de Lirobank, verkocht. Hij veranderde het interieur niet, er waren overigens ook nauwelijks Joodse details aan het interieur aangezien het gezin Korijn zeer geassimileerd was.
Het pand werd na de oorlog een studentenhuis en de studenten gebruikten de woonkamer van het huis als gemeenschappelijke ruimte. Zij veranderden nooit iets aan het interieur en in 2007 werd dit interieur ontdekt door Alexander Westra, docent aan de opleiding Erfgoedstudies van de Universiteit van Amsterdam. Hij kwam op dit spoor tijdens een onderzoek naar historische interieurs in Amsterdam Zuid.
De woonkamer was bijzonder ingericht. Paarsbruin velours op de wanden, lambrisering van ingelegd hout, paars en geel glas in lood.
De familie Korijn trok in 1923 in dit huis en de inrichting van de kamer stamt uit die tijd, een combinatie van Art Deco en Amsterdamse School. Er is een vermoeden dat Henri le Grand, destijds een ontwerper van spraakmakende interieurs, een hand heeft gehad in de inrichting. In deze buurt ontwierp Le Grand een aantal villa´s.

Deze vondst werd op 9 september 2008 wereldkundig gemaakt. In dit huis, niet toegankelijk, kunnen we zien hoe een Joods gezin in Amsterdam-Zuid leefde. Dit deel van het huis is onderdeel van het Joods Cultureel Kwartier en niet open voor het publiek.

J J Viottastraat 45 – verlofscentrum
Dit adres was vanaf mei 1945 het verlofscentrum voor de Canadese soldaten.

J J Viottastraat 52 – fam Carlebach
Hier woonden Percy Carlebach en zijn vrouw Johanna Bertha Keyser. Ze werden vermoord in Sobibor op 2 juli 1943.

bron:
AT5,
joodsmonument.nl,
nrc – bianca stigter
“BETH SCHALOM.”. “Nieuw Israelietisch weekblad“. Amsterdam, 22-08-1930. Geraadpleegd op Delpher op 08-07-2017, http://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:010858631:mpeg21:a0047
“STADSNIEUWS Waarschuw de Landwacht”. “Het volk : dagblad voor de arbeiderspartij“. Amsterdam, 05-06-1944. Geraadpleegd op Delpher op 08-07-2017, http://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:011119041:mpeg21:a0049

illustratie:
“STADSNIEUWS Waarschuw de Landwacht”. “Het volk : dagblad voor de arbeiderspartij“. Amsterdam, 05-06-1944. Geraadpleegd op Delpher op 08-07-2017, http://resolver.kb.nl/resolve?urn=ddd:011119041:mpeg21:a0049

laatste aanpassing
:

8 juli 2017