Mommie Schwarz

schwarzmommieMommie Schwarz heette in het echt Samuel L Schwarz en werd in Zutphen geboren op 28 juli 1876. Hij werd een bekend kunstschilder, behorend bij de Bergense School. Hij was het tiende kind van Lezer Schwarz en Julie Winter in een gezin dat uiteindelijk 11 kinderen zou krijgen (Emma, Amalia, Sigmund, Julius, Johanna, Adelbert, Carolina, Bertha, Samuel en Max Joseph). Zijn vader was een Duitse immigrant.

In 1887 besloot Julius om definitief naar Amerika te gaan en hij nam Mommie mee. Het zakenleven bleek niets voor Mommie te zijn, hij begon in Amerika zich te bekwamen als schilder. In 1902 keerde hij terug naar Europa en ging naar Antwerpen. Hij ging weer terug naar New York tot 1909, toen kwam hij definitief terug naar Europa. Hij wilde verder in de kunst en bezocht in Berlijn zijn Duitse neef en nicht, Erich en Else Berg. Else en Mommie konden het goed met elkaar vinden en samen vertrokken ze, waarschijnlijk in 1909, naar Parijs om de nieuwste ontwikkelingen in de kunst te volgen.
In 1910 kwamen ze naar Nederland en vestigden zich blijven in Amsterdam.
In de hoofdstad speelde Mommie en Else een belangrijke rol in de kunstenaarswereld, zo werd Else in 1932 vicevoorzitter van de Hollandse Kunstenaarskring.
Naast Amsterdam was Bergen een belangrijke plaats voor ze. Mommie en Else verbleven er vaak en waren deel van de Amsterdamse expressionisten die zich de “Bergense School” noemden. Ze was mede daardoor bevriend met kunstenaars als Charley Toorop en Leo Gestel.
In 1920 trouwen Else en Mommie, ze blijven eerst in Amsterdam in hun eigen huis wonen, later, in 1927, trekken ze naar Sarphatipark 42. In dit pand woonden ze beiden op hun eigen etage.
De eerste solo-expositie maakte Mommie toen hij als 52 was, in 1929 bij kunsthandel Huize van Hasselt in Rotterdam.
Hij heeft nog tal van exposities en maakte reizen naar diverse landen, ook voor inspiratie voor zijn werk. In de loop van de 2e Wereldoorlog werd het exposeren onmogelijk gemaakt, ze was immers Joods.
Else en Mommie brachten aan het begin van de oorlog veel werk onder bij vrienden. Ze hebben tijdelijk gewoond in Huize Geijnwijk, een plek waar meer kunstenaars verbleven.
Na een tijdje keerden ze terug naar Amsterdam. Ze weigerde om onder te duiken of de Jodenster te dragen en Else en Mommie werden op 12 november 1942 opgepakt en naar Westerbork gestuurd. Op 16 november volgde het transport naar Auschwitz, daar werd ze bij aankomst op 19 november 1942 vermoord.
Werk van Mommie is te zien in het Joods Historisch Museum, het Stedelijk, Singer Laren en tal van andere musea.

bron:
website JHM,
wikipedia