zeedijk

De Zeedijk was in de 2e Wereldoorlog verboden voor de Wehrmacht, net zoals een deel van de Warmoesstraat. Dat kwam omdat dit een deel van de Rosse Buurt was.

tmandjeZeedijk 63 – ’t Mandje
Dit was het café van Bet van Beeren en was hier gevestigd sinds 1927.
In de kelder had Bet Joodse onderduikers. Op zolder lagen wapens verborgen die gebruikt zijn bij de overval op het Bevolkingsregister en de gevangenis op de Weteringschans.
Bet van Beeren maakte in de oorlog regelmatig erwtensoep voor de hongerige Amsterdammers. Ze kreeg hiervoor de ingrediënten van de zwarthandelaren, waar ze goede contacten mee had. Deze soep maakte ze in grote zinken vuilnisemmers.

Koningin van de Zeedijk
Bet van Beeren was een betrokken buurtbewoonster. Pooiers, hoeren en de politie hadden respect voor haar. Boven alles was Bet de eigenaar van café ’t Mandje op de Zeedijk. Een in het binnen en buitenland befaamde plek waar homo’s en lesbiennes zichzelf konden zijn. Bet en haar café waren het middelpunt van de buurt.
Verschillende verhalen over Bet, ’t Mandje en de Zeedijk zijn, tien jaar na haar dood in 1967, gebundeld in ‘Bet van Beeren; Koningin van de Zeedijk’. In soms ontroerende verhalen over Bets eenzaamheid, vaak doorspekt met plat Amsterdamse zinnen, verhaalt het boek over de Zeedijk in de eerste helft van de vorige eeuw. Café Het Mandje is jaren gesloten geweest en rond Koninginnedag 2008 zijn de deuren weer geopend.
Tibbe Bosch, ‘Bet van Beeren, Koningin van de Zeedijk’, PMP, ISBN 9789080704558 € 9,95.

keizerleder
Links Sam Keizer, rechts van hem zijn schoonzoon Meijer Waterman

Zeedijk 101 – Keizer’s Lederhandel
Op Zeedijk 101 was NV Keizer’s Lederhandel gevestigd. Het bedrijf was een begrip in Amsterdam en viel op door de grote koeienkop die de gevel sierde.Keizer verkocht naast aan de groothandel ook aan particulieren, ton diep in de jaren zeventig van de vorige eeuw kon men hier leer, rubber en schoenmakersgereedschap aanschaffen. Toen in de herfst van 1962 in Amsterdam hondsdolheid uitbrak, en hondeneigenaren verplicht werden om een muilkorf aan te schaffen, zette Keizer binnen een paar maanden duizenden muilkorven af.  Na de Tweede Wereldoorlog ging een deel van de fam. Keizer naar de Verenigde Staten.

Het oorlogsverhaal van de familie Waterman
Sophia Frederika Keizer was de dochter van Sam Keizer, geboren in 1907 in het Verenigd Koninkrijk. Zij trouwde in 1935 met Meijer Waterman. In 1936 kregen zij hun dochter Roosje.
De lederhandel werd ingepikt door de bezetter en kreeg een Verwalter.
In september 1942 werden Meijer, Frederika en Roosje overgebracht naar Westerbork.
Bij aankomst in Westerbork bleek een van de SS-officieren, die de inschrijving regelde, een schoolvriend van Sophia te zijn. Hij tekende een papier waarmee de familie Waterman terug kon reizen naar Amsterdam.
In het najaar van 1943 werd de familie Waterman opnieuw gearresteerd. Ze werden weer naar Westerbork overgebracht en na ongeveer een maand werd het besluit genomen dat ze naar het concentratiekamp Vittel in het oosten van Frankrijk moesten. Dit kamp was gevestigd in een paar luxueuze hotels, maar werd uiteraard streng bewaakt.
De reden om de familie Waterman daarheen te sturen was het Britse staatsburgerschap van Sophia. Daarmee was ze een goede gijzelaar voor de nazi’s.
In september 1944 werd het gezin in Vittel bevrijd.

bron:
Wikipedia,
Bosch, Tibbe , ‘Bet van Beeren, Koningin van de Zeedijk’, PMP, ISBN 9789080704558 € 9,95,
Berg, P. van den, De schoenmaker en zijn leest, Ons Amsterdam, maart 2012
Hostages in Vittel: The Rodi Glass Collection (Curators Corner #22), United States Holocaust Memorial Museum, youtube.

illustratie:
Met dank aan H. Pieper-Theeboom