Isaac Marcus Calisch

Isaac Marcus Calisch (Amsterdam, 10 april 1808 – Amsterdam, 31 december 1884) was onderwijsgevende, Nederlands lexicograaf, vertaler en dichter. Calisch schreef Beginselen der Nederduitsche Spraakkunst (Amsterdam 1840). Isaac was een zoon van Marcus Isaac Calisch (Amsterdam, 19 februari 1778 – Amsterdam, 13 oktober 1842) en Sara Nathan Makelaar (Amsterdam, 1752 – Amsterdam, 29 januari 1815) en broer van Elias Marcus Calisch (1806 – 1880) en Marianne Marcus Calisch (1811 – 1886).

Isaac was hoofd van een school in Amsterdam; een school die doorgaans bezocht werd door Joodse kinderen uit de ‘gegoede klasse’. Hij besteedde veel aandacht aan de taalontwikkeling bij de kinderen en volgens het Nieuw Nederlands Biografisch Woordenboek wist hij hen zelfs liefde voor de moderne klassieken bij te brengen. Verder maakte hij een vertaling van Les Miserables van Victor Hugo en woordenboeken Frans, Duits en Engels.
Op het gebied van onderwijs keek Isaac verder dan alleen zijn eigen school en constateerde dat bij de Amsterdamse bewaarscholen dat daar werd geoefend ‘duidelijke en verstaanbaar spreken, het opzeggen en voordragen van kinderspreukjes en gedichten of eenvoudige kindergezangen, de kennis van voorwerpen rondom en buiten hen, het telen, de tijdsverdeling, wijders de beginselen der godsdienst, het spellen, lezen, breien enz.’ Activiteiten die vanwege het feit dat hij de taalontwikkeling hoog in het vaandel had pasten in zijn visie.

Isaac Marcus was gehuwd met Jacoba Breebaart (Amsterdam, 7 augustus 1810 – Amsterdam, 29 oktober 1873) en zij hadden in ieder geval de volgende kinderen: Hester (Amsterdam, 19 mei 1835), Sara (1836 – 1837), Carolina Sophia (Amsterdam, 12 april 1839), Flora Marianna (Amsterdam, 19 april 1841 – 1869), Nathan Marcus (Amsterdam, 21 september 1842), Anna (Amsterdam, 11 juli 1845 – 1927), Henriëtte (Amsterdam, 22 november 1848) en Marie (Amsterdam, 11 maart 1854 – 1905).

Isaac Marcus woonde onder andere op, achtereenvolgens, de Reguliersbreestraat 68, het Jonas Daniël Meijerplein 19 en op de Utrechtsestraat 104.

 

bron:
N.L. Dodde, Joods Onderwijs, een geschiedenis over het tijdvak 1200 tot 2000 (Den Haag 2009) 78
Stadsarchief Amsterdam, Bevolkingsregister 1874-1893, archiefnummer 5000, inventarisnummer 2209.
Stadsarchief Amsterdam, Bevolkingsregister 1874-1893, archiefnummer 5000, inventarisnummer 1964.
Stadsarchief Amsterdam, Bevolkingsregister 1853-1863, archiefnummer 5000, inventarisnummer 587.
Nieuw Nederlands Biografisch Woordenboek, deel 1 (1911-1937) 541, 542

laatst bijgewerkt:
2 januari 2021