Uilenburgersjoel

indexuilenburgerstrTe midden van de grote stroom immigranten die vanaf het einde van de zestiende eeuw naar Amsterdam kwam, namen Joden een bijzonder plaats in. Aan het eind van de zeventiende eeuw vestigden velen zich op de eilanden zoals Uilenburg; vooral de grote groep Joden uit het Duitse Rijk, Polen, Rusland en Midden-Europa: de Asjkenazim of Hoogduitse Joden. De Asjkenazim kwamen vaak arm en berooid in Amsterdam aan. In het algemeen zag men deze arme vreemdelingen minder graag komen dan de meer ontwikkelde Sefardim, Joden van Spaanse en Portugese afkomst.

De leefomstandigheden op Uilenburg waren zeer slecht. In 1911 kwam er pas een einde aan deze schrijnende toestand, toen de gemeente de buurt opknapte en de stedenbouwkundige situatie wijzigde. De synagoge Uilenburg uit 1766, vanouds gelegen aan de Uilenburgerstraat, kwam toen vrijer te liggen aan een voorplein; gescheiden door een hoge muur van de Nieuwe Uilenburgerstraat.

uilenburgersjoelOp 29 augustus 1766 werd de Hoogduitse synagoge Uilenburg ingewijd als vijfde synagoge van de Hoogduitse gemeente in Amsterdam. Deze synagoge staat op de plaats van aan huissynagoge die op 2 september 1724 ingewijd werd en werd gebruikt door de genootschap Hagnosas Kallo Gedoulo (uithuwelijking jonge dochters). Deze synagoge stond op het erf van een woonhuis in het Kokshofje van de Uilenburgerstraat en op de begane grond was een bruiloftshuis.

In 1732 werd deze synagoge door de Hoogduitse gemeente officieel overgenomen. In 1766 werd met de herbouw begonnen en kwam de huidige synagoge tot stand. De synagoge had, volgens een krant in 1877, 500 zitplaatsen. Aan het einde van de achttiende eeuw had de synagoge 43 vrouwenplaatsen en 568 mannenplaatsen.

De voorgevel, met een monumentale ingangspartij, wordt bekroond door een brede klokgevel in Lodewijk XV-stijl. Het ruimtelijk concept is gelijk aan dat van twee vroegere zeventiende eeuwse synagogen, die een paar honderd meter verderop staan. De synagoge Uilenburg is een rechthoekig symmetrisch gebouw met een tweebeukige begane grondruimte en daarboven de driebeukige synagoge. Oorspronkelijk was de benedenruimte over de lengte verdeeld in twee zalen, die dienst deden als bruiloftszalen. Ook werden deze zalen voor godsdienstoefeningen gebruikt; later werden zij ingericht als rituele slachtplaats voor gevogelte.
In de driebeukige bovenruimte van de sjoel zijn de galerijen van de smalle zijbeuken gesitueerd langs de zijgevels. De vier kolommen dragen de kap en de houten tongewelven.

De bima was opgesteld in het hart van de ruimte tussen de vier kolommen en in de Heilige Arke, geplaatst tegen de oostwand, stonden vijf Thora rollen. Het voorplein ontstond in 1906 door de afbraak van enkele huizen.

De bezettingsjaren 1940-1945 markeren voor de synagoge Uilenburg en de buurt als Joodse buurt het einde. Door plundering was van het gebouw niet veel meer over. In 1954 werd de synagoge door de gemeente Amsterdam aangekocht, die vervolgens een kleine restauratie uitvoerde om te zorgen dat het pand behouden bleef. De synagoge verloor vanaf dat moment haar oorspronkelijke functie. Tal van jaren wordt het pand gebruikt om er materialen van Monumentenzorg op te slaan. De laatste jaren wordt de synagoge gebruikt voor culturele activiteiten en ook worden er erediensten gehouden. Sinds 1997 maakt de kille Beith HaChidush gebruik van deze sjoel en zijn er ca. twee keer per maand weer diensten. 

Vanaf het begin van de negentiende eeuw tot 1923 werden lokalen op de begane grond gebruikt door de Talmoed Thoraschool.

verder:
In 1883 was er onder de synagoge een polikliniek voor minvermogende ooglijders. Veel armen in de stad leden aan trachoom.

 

 

bron:
Nieuw Israëlietisch Weekblad, 23 maart 1877, verslag van de toestand van de Nederlandse Hoofd-synagoge, aantal zitplaatsen,
ibidem, 30 maart 1883, polikliniek in de Uilenburgerstraat
F. J. van Agt, Synagogen in Amsterdam (Den Haag 1974) 66-69.

illustraties:
© joodsamsterdam.nl

gepubliceerd:
29 april 2016

Laatst aangepast:
8 mei 2022