keizersgracht

Keizersgracht 288 – Nussbaum
Na de oorlog waren hier verschillende textielbedrijven van Chiel Nussbaum gevestigd.

Keizersgracht 324 – Felix Meritis
De gegoede burgerij van Amsterdam richtte in 1877 het genootschap Felix Meritis op; op 31 oktober 1788 opende het gelijknamige gebouw zijn deuren. Het genootschap richtte zich, met de idealen van de verlichtings-periode in het achterhoofd, op de bevordering van Kunst en Wetenschap. De ovale concertzaal was tot de opening van het Concertgebouw de belangrijkste concertzaal van Amsterdam en had een internationale reputatie.

Een Joodse contra-alt die hier haar eerste openbare optreden had, was Aleida Weinthal (1824-1884) (artiestennaam Adelaide Weinthal, Adelaide Ventaldi) in maart 1850. Zij trad op in heel Europa en ook in de Verenigde Staten. In 1859 trouwde ze in Londen met de juwelier David Joseph Stranders. Waarschijnlijk beëindigde ze toen haar carriere, er zijn geen optredens meer bekend.

Keizersgracht 449 – Walem

De pui en de winkelruimte van dit pand zijn ontworpen door Rietveld. Dit pand werd door de meubelafdeling van warenhuis Metz op Keizersgracht 455 als tentoonstellingsruimte gebruikt.

Keizersgracht 452 – Fuld
Dit pand was het woonhuis van bankier Elias Fuld en werd in opdracht van hem in 1860 verbouwd  door architect C. Outshoorn (1810 – 1875). Vanaf het Molenpad was het kantoordeel van deze bank bereikbaar. De bank, Becker en Fuld, was een dochteronderneming van de Rothschilds, gesticht in 1853. Zowel Becker -protestant- als Fuld werkten bij de Rothschilds in Frankfurt en gingen naar Amsterdam om deze bank op te zetten.

kerkstraat45-49Keizersgracht 455 – Metz & Co.
In 1891 werden drie koopmanshuizen en een winkelhuis uit 1670 gesloopt voor dit pand van de New York Life Insurance Company.
Jan van Looy ontwierp het pand en toen het voltooid was was het het hoogste pand in de stad.
Het winkeldeel wordt sinds 1908 gebruikt door Metz & Co. In 1918 werd het kantoorgedeelte ook verbouwd tot winkelruimte door architect H A van Anrooy. De glazen ruimte op het dak werd in 1933 ontworpen door Rietveld en gelijktijdig werden de meubels van Rietveld bij Metz geëxposeerd. In 1938 ontwierp Rietveld ook de pui en winkel van Keizersgracht 449, dat door de meubelafdeling van Metz als tentoonstellingsruimte werd gebruikt. Nu zit “Walem” op dit adres.
Metz & Co werd in 1740 opgericht door Moses Samuels – die uit Metz afkomstig was. In 1794 gingen zijn 3 zoons, Samuel, Jonas en Daniel met de zaak verder. In de Franse tijd was Samuel Mozes Metz een van de weinigen die veel geld verdiende met de verkoop van stoffen en diens zoon Daniël – die geen kinderen had – verkocht in 1857 de zaak aan zijn neef Isaac Magnus Cantor en Aron Levie Citroen. Vanaf dat moment heet de stoffenzaak Metz&Co. De zaak zit dan nog aan de St Anthoniesbreestraat 51 (het pand “de koning van Engeland) en verhuist in 1902 naar de Kalverstraat 185-187. In 1908 volgt er weer een verhuizing nadat Maison de Bonneterie wil uitbreiden, naar het pand op de hoek Leidsestraat/Keizersgracht uit 1891 van Jac van Looy. Aan de Kerkstraat 45-49 worden de ateliers gevestigd in het gebouw “Liberty” (nu het Acostar hotel – foto).

Aan het einde van de 19e eeuw is de zoon van Aron Citroen, Theodoor vennoot en dan komt Joseph de Leeuw het bedrijf in als jongen en wordt uiteindelijk vennoot. Joseph is verantwoordelijk voor de bloei van Metz&Co tussen beide wereldoorlogen.
Tussen 1926 en 1931 verzorgt Stefan Schlesinger een groot gedeelte van de reclame voor Metz&Co. In 2012 vertrok warenhuis Metz uit dit pand om in de buurt een nieuwe locatie te betrekken. Nu huurt een modeketen dit pand, wellicht komt in de toekomst warenhuis Metz terug waar het hoort.

Keizersgracht 484 – Van Lennep
Hier woonde Hester van Lennep (1906 – 2000). Ruim 80 van de kinderen die in de oorlog uit de crèche op de Plantage Middenlaan werden gered, werden hier tijdelijk ondergebracht. Hester van Lennep had hier een instituut voor huidverzorging. Hester zorgde in eerste instantie voor een onderduikadres van haar Joodse klanten. Nadat haar Hongaars-Joodse vriend Sandor Baracs, zelf ook onderduiker, contact legt met Walter Süskind, gaat ze samen met haar vriendin Pauline van Waasdijk ook adressen zoeken voor kinderen uit de crèche tegenover de Hollandse Schouwburg.

Keizersgracht 706 – Brandweer
Het Grachtenboek meldt over dit pand dat de Duitse brandweer het gebruikte in de 2e Wereldoorlog. In die periode schijnt het gehele pand grondig vernield te zijn door de bezetter, inclusief de houten parketvloeren. Wel behouden bleef de monumentale trap en de plafondschildering op de 1e etage. Het Grachtenboek is de enige bron die melding maakt van deze functie van dit pand in de 2e Wereldoorlog.

Keizersgracht 722-2 – Mogendorff
Elize Marianna Mogendorff, de zus van Ro Mogendorff, zat in het verzet. Ernst ten Haaf schoot haar op dit adres dood en pleegde daarna zelfmoord. Meer via deze link.

Keizersgracht 746 – Texeira
Van 1869 tot 1876 woonde bankier Isaac Eduard Teixeira de Mattos (1832-1885) hier. Het pand achter het huis, het koetshuis dat uitkwam op het Amstelveld, werd verbouwd tot kantoor van deze bankier. De bank Teixeira de Mattos heeft van 1822 tot 1966 bestaan, toen ging de bank failliet. In de oorlog werden de eigenaars van de bank vermoord.

vetermanregenhardtKeizersgracht 763 – Veterman

In de oorlog woonde hier Eduard Veterman. Hij was van Joodse afkomst. Hij was van oorsprong auteur en regisseur. Al eind 1941 vervalste hij persoonsbewijzen, waarvan hij er zo’n 2000 maakte. Hij hield zich binnen de verzetsgroep Fiat Libertas bezig met spionage en hulp aan onderduikers. Hij werd in oktober 1943 gearresteerd, en ondergebracht in het “Oranjehotel” in Scheveningen. Hij werd in 1944 ter dood veroordeeld, naar Duitsland overgebracht, maar overleefde de oorlog.
In 1945 krijgt hij van Prins Bernard de opdracht om de geschiedenis van de binnenlandse strijdkrachten te schrijven, maar deze opdracht wordt ingetrokken nadat Veterman meldt dat hij een boekje open wilde doen over belangrijke Nederlandse militairen en bestuurders die tijdens de oorlogsjaren bij onfrisse praktijken betrokken waren geweest. Veterman was van plan om een boek te schrijven over de corruptie en collaboratie in de 2e Wereldoorlog, balans der misere, maar hier komt hij niet aan toe. Op 26 juni 1946 meldt hij dat er een “vrij gore campagne” tegen hem gevoerd wordt. Op 28 juni 1946 komen Eduard en zijn vrouw Katy bij een verkeersongeluk in Laren om. Er komen hardnekkige geruchten op gang dat hier sprake zou zijn van een liquidatie, maar dit is nooit bewezen.

Keizersgracht 786 – Roskam
Hier zat uitgeverij H. Roskam E. Jzn. (Roskam’s Import-Export en Uitgeverij), die nazi-propaganda uitgaf. Deze uitgeverij werd in 1945 geschorst als lid van De Nederlandse Uitgeversbond wegens onwaardig gedrag tijdens de 2e Wereldoorlog.

 
bron:
grachtenbroek,
project inventarisatie Joods erfgoed,
wikipedia,
winkelstories.com,
verzetsmuseum.org,
 
Illustratie:
foto kerkstraat © joodsamsterdam.nl, 2010
voorzijde boek Eduard Veterman
 
Laatst aangepast:
18 dec 2015